Wachtlijsten en toekomst verpleeghuiszorg

Het animo van ouderen om in het verpleeghuis te gaan wonen is door de coronacrisis laag. Voor het eerst in lange tijd is er leegstand in de huizen, ondanks de wachtlijsten. Dat roept vragen op: wat willen de mensen die op de wachtlijst staan? En hoe kunnen zorgkantoren en zorgaanbieders daarop anticiperen? ‘Innovatie in de ouderenzorg is hard nodig’, aldus Jan Megens, manager Wlz bij Menzis Zorgkantoor.

Er gaan meerdere getallen rond van ouderen die op wachtlijsten staan voor verpleeghuiszorg, oplopend tot ruim 21.000 mensen. In de media en politiek wordt zo’n cijfer al snel platgeslagen tot een homogene groep van ouderen. Waarvan de situatie zo schrijnend zou zijn dat ze zo snel mogelijk opgenomen moeten worden, liever vandaag dan morgen. Nadere bestudering van de maandelijkse rapportages over de wachttijden voor verpleeghuiszorg van het Zorginstituut, gebaseerd op de cijfers van de Zorgkantoren, tonen een meer gedifferentieerd beeld.

Daarin wordt onderscheid gemaakt tussen actief-wachtend (met en zonder met Wlz-zorg aan huis) en niet-actief wachtend (met en zonder Wlz-zorg aan huis). Bij actief wachtend gaat het dan om een acute opname-wens; niet-actief wachtend heeft betrekking op mensen die graag willen wachten op een plek bij de zorgaanbieder van hun keuze. Het is vooral de groep niet-actief wachtenden met een vorm van Wlz-zorg die het grootste deel voor zijn rekening neemt: 18.126 [1]. Maar dat getal roep ook weer vragen op: Wat is precies hun zorgvraag?

Meer inzicht wachtlijsten door betere registratie

‘Er is grote behoefte aan meer inzicht in de zorgvraag van ouderen’, stelt Jan Megens, manager Wlz bij Menzis Zorgkantoor. Hij is in ZN-verband betrokken bij de aanpak van wachtlijsten in de verpleeghuiszorg. ‘De huidige cijfers geven onvoldoende inzichten in de zorgvraag van ouderen. Met het Zorginstituut zijn afspraken gemaakt over een nieuwe manier van registreren, waarmee er meer onderscheid komt in de vraag. De een wil het liefst zo lang mogelijk thuisblijven. De ander wil alleen als er plek is in een bepaald verzorgingshuis in de eigen woonplaats. Soms hebben mensen zich aangemeld ‘voor het geval dat’, zonder nadere specificering. Meer zicht op de wensen en vragen is nodig om een passend regionaal aanbod te ontwikkelen.’

Meer ouderen met zorgvraag

De wetenschap dat door de vergrijzing het aantal ouderen met een zorgvraag tot 2040 ongeveer zal verdubbelen, stelt de sector voor een enorme opgave. Recent onderzoek van TNO van eind 2019 [2] ondersteunt die aanname. ‘De eerste reflex is om te denken in het bijbouwen van huizen en zo te zorgen voor extra plaatsen’, ziet Jan Megens. ‘Maar dat is maar een deel van de oplossing. We moeten een veel gedetailleerder beeld krijgen van de zorgvraag van ouderen. Zeker in situaties waarin de zorgvraag niet acuut is. Dan kun je ook nadenken over andere vormen om de zorg te organiseren. Op een manier die aansluit bij de wensen van de individuele cliënt.’

Samenwerken aan regionale plannen

Ondanks de coronacrisis is er de afgelopen maanden hard gewerkt aan afspraken om registratie te verfijnen en dat ook technisch mogelijk te maken. De nieuwe manier van registreren wordt volgens verwachting vanaf januari 2021 operationeel. Die informatie kunnen we combineren met de gegevens van het capaciteitsonderzoek van TNO. Zo kunnen de Zorgkantoren aan de slag met regionale plannen voor capaciteitsontwikkeling, in samenspraak met zorgaanbieders en gemeenten.

‘We willen voor elk van de 31 zorgkantoorregio’s een maatwerkplan hebben, dat inspeelt op de behoeften die daar leven’, zegt Jan Megens daarover. ‘Daarvoor hebben we elkaar hard nodig. Om de demografische ontwikkeling te duiden en om de regionale mogelijkheden om nieuw aanbod te ontwikkelen te verkennen en te realiseren. Dat lukt alleen als zorgkantoren, zorgaanbieders en gemeenten daar samen de schouders onder zetten. En zich committeren aan het ontwikkelen van voldoende, passend zorgaanbod. Het is een maatschappelijke discussie, die we lokaal, regionaal en nationaal moeten voeren. Hoe zien we met elkaar de zorg in de toekomst?’

Verbreding zorgaanbod

‘Alleen het bijbouwen van verzorgingshuizen is niet dé oplossing voor de wachtlijsten’, benadrukt Megens. ‘De burger vraagt om andere vormen van zorg. We moeten beter inspelen op de zorgvraag van ouderen en werken aan nieuwe zorgarrangementen die recht doen aan die vraag. Bijvoorbeeld door bepaalde vormen van zorg naar huis te verplaatsen. Voor veel mensen is het verpleeghuis de allerlaatste optie, voor als het echt niet anders kan.

De meerderheid wil zo lang mogelijk thuis blijven wonen. Dat zegt niets over de kwaliteit van de zorg die in de verpleeghuizen wordt geleverd. Maar wel iets over de wijze waarop mensen de laatste fase van hun leven willen vormgeven. Om die vraag te beantwoorden is innovatie hard nodig. Beter in kaart brengen van de wensen van de doelgroep is een eerste stap; een opstap naar het vormgeven van de ouderenzorg van de toekomst. Gebaseerd op gegevens die inzicht verschaffen in de behoeften van ouderen, met plannen die recht doen aan de ontwikkelingen en mogelijkheden in de regio. Daar moeten we nu mee aan de slag, de toekomst begint nu!’

Landelijke kwartaalrapportage wachtlijsten

Deze rapportage wordt uitgebracht om een beeld te schetsen van de ontwikkeling van de wachtlijsten. Het brengt het aantal mensen dat in het eerste kwartaal van 2020 wacht op zorg vanuit de Wet langdurige zorg (Wlz) in de sector Verpleging en Verzorging (V&V) in kaart. De afgelopen twaalf maanden is de instroom in de Wlz-sector V&V hoger dan de uitstroom. Bij gelijkblijvende omstandigheden groeit hierdoor de wachtlijst. De wachtlijsten groeien ook doordat zorginstellingen te maken hebben met een opnamestop en/of cliënten zelf kiezen om tijdelijk niet opgenomen te worden in zorginstellingen door het coronavirus. Download de rapportage van ZN over de wachtlijsten

Door: Paul van Bodengraven


[1] Cijfers Zorginstituut Nederland, peildatum 1 april 2020

[2] Prognose capaciteitsontwikkeling verpleeghuiszorg, TNO, 17 december 2019

Meer weten

Geplaatst op: 18 juni 2020
Laatst gewijzigd op: 20 juli 2020