Krappe bezetting? Deze tools helpen Salios
Gepubliceerd op: 08-07-2026
Sta je aan het begin van een dienst ineens met weinig mensen? Zorgorganisatie Salios heeft hiervoor 2 tools bedacht: het Stoplichtmodel en de Alles doet ertoe-lijst. Daarmee kun je voorkomen dat er paniek uitbreekt als iets niet loopt zoals gepland. ‘Door werkzaamheden van tevoren te bespreken, haal je veel onrust weg.’
Herken je deze situatie? Een collega meldt zich ’s ochtends ziek, waardoor het team ineens krap staat qua bezetting. Net vandaag, nu de katheter van een bewoner vervangen moet worden, er een overleg met de arts gepland staat en verschillende bewoners willen douchen. Lichte paniek breekt uit.
Hilde Hulsen, programmamanager Anders Werken bij Salios, heeft het als leidinggevende in de zorg regelmatig meegemaakt. Want ook bij haar werkgever komt het regelmatig voor dat een dienst anders loopt dan gepland. ‘Het verbaast me altijd een beetje dat er dan paniek ontstaat. Je zou als team eigenlijk al van tevoren moeten afspreken wat je in zo’n geval doet.’
Groen, oranje of rood?
Daarom hebben zorgmedewerkers en teammanagers van Salios samen een tool bedacht: het Stoplichtmodel. Hiermee kunnen teams aan het begin van een dienst kijken hoe de personele bezetting is. Staan zij op groen, oranje of rood?
‘Bij groen kun je als team lekker aan het werk gaan’, legt Hilde uit. ‘Bij oranje kijk je welke taken je vandaag kunt doen en bij rood vraag je of collega’s van andere afdelingen kunnen bijspringen. Misschien staat een ander team op groen en kan iemand komen helpen. Als alle teams met het Stoplichtmodel werken, kunnen zij een gebrek aan personeel misschien samen oplossen. Lukt dat niet, dan kun je altijd nog het uitzendbureau bellen.’
Onrust voorkomen
Bij het Stoplichtmodel hoort een lijst met verplichte werkzaamheden. Over deze Alles doet ertoe-lijst moeten de teams van tevoren nadenken. Hilde: ‘Zorgmedewerkers vinden het lastig om te bepalen welke werkzaamheden zij niet doen als ze krap staan. Met de Alles doet ertoe-lijst draaien we het om: als team spreek je vooraf samen af wat je sowieso wél gaat doen.’
Zo’n lijst kun je in drie scenario’s opsplitsen:
- wat doen we als we op rood staan?
- wat doen we als we op oranje staan?
- wat doen we als we op groen staan?
Door van tevoren de Alles doet ertoe-lijst te bespreken, voorkom je volgens Hilde veel onrust. ‘Je hebt er immers al over nagedacht wat je doet als een dienst niet loopt zoals gepland. Ik heb onlangs ervaren dat het Stoplichtmodel echt werkt. Ik liep mee op een afdeling en een team was ’s ochtends tot de conclusie gekomen dat ze op groen stonden. In de loop van de ochtend werd een van de medewerkers gevraagd om in een ander team dat niet op groen stond, bij te springen. De taken werden aangepast en vervolgens vertrok een van de medewerkers naar het andere team. Alles verliep heel soepel.’
Programma Anders Werken
Het Stoplichtmodel en de Alles doet ertoe-lijst zijn twee tools die Salios bedacht binnen het Anders Werken-programma. Dit programma startte vorig jaar nadat de zorgorganisatie had besloten om te stoppen met de inzet van zzp’ers in de zorg.
Dat bracht Salios terug bij een oud probleem: het personeelstekort. Centrale vraag: hoe kan de zorgorganisatie zonder inhuur ook in de toekomst goede zorg blijven bieden? In korte tijd bedachten zorgmedewerkers, managers en staf allerlei tools en ideeën om het werk anders te organiseren.
Kenmerkend voor Anders Werken is ervaringsleren: leren door te doen. Dat geldt ook voor het Stoplichtmodel en de Alles doet ertoe-lijst. De teams hebben veel vrijheid om de tools op hun eigen manier in te vullen.
Hilde: ‘Eén team maakte een zakboekje met daarin de Alles doet ertoe-lijst. Andere teams schrijven de werkzaamheden op een Dagstartbord. Ook de werkzaamheden op die lijst verschillen per team, omdat hun doelgroepen verschillend zijn. Zo doet ieder team het op zijn manier.’
Andere prioriteiten
Beide tools geven de teams meer vrijheid en zeggenschap om zaken zelfstandig te organiseren. Daar moeten sommige mensen aan wennen, vertelt Hilde. ‘Collega’s van ondersteunende afdelingen, maar ook artsen vinden het soms lastig als een team door de tools te gebruiken andere prioriteiten stelt. Bijvoorbeeld als een team op oranje staat en de dokter gevraagd wordt om op een ander tijdstip te komen. Ook avond-, nacht- en weekendhoofden moeten wennen aan het idee dat teams andere keuzes mogen maken. Met al deze mensen voeren we nu intensief het gesprek, omdat we heilig in deze aanpak geloven.’