In een LIN verbeteren studenten en medewerkers samen de zorg

Tussen hogeschool Inholland en ouderenzorgorganisatie Zonnehuisgroep Amstelland bestaat een bijzondere samenwerking. In leer- en innovatienetwerken (LIN) werken studenten hbo-v – die boventallig op de afdeling aanwezig zijn – samen met de verzorgenden en verpleegkundigen aan de kwaliteit van zorg. Werken, leren en innoveren komen er samen. Marjolein Albers, docent hogeschool Inholland, begeleidt het LIN op de pg-afdeling kleinschalig wonen. ‘Een LIN brengt 2 invalshoeken bij elkaar.’

Betere zorg

Aan de wieg van de leer- en innovatienetwerken (LIN) staat Robbert Gobbens. Hij is lector gezondheid en welzijn van kwetsbare ouderen bij hogeschool Inholland én zorginhoudelijk adviseur raad van bestuur van Zonnehuisgroep Amstelland. Een ideale positie om de verbinding tussen onderwijs en praktijk te leggen. Hij bedacht er het LIN voor. ‘Ons doel is betere zorg door werken, leren en innoveren te combineren’, zegt Marjolein Albers, docent opleiding tot verpleegkundige aan hogeschool Inholland. Marjolein is 1 dag per week als lecturer practitioner aanwezig in het LIN op de pg-afdeling kleinschalig wonen van locatie Westwijk van Zonnehuisgroep Amstelland. Ze is daar de verbindende schakel tussen praktijk en onderwijs.

Werken, leren en innoveren
Een leer- en innovatienetwerk, kortweg LIN, is een krachtige leeromgeving waarin medewerkers en studenten de zorg voor ouderen samen naar een hoger plan tillen. Medewerkers en studenten leren met en van elkaar. Via een continu proces van werken, leren en innoveren draagt een LIN bij aan hoogwaardige, cliëntgerichte ouderenzorg. LIN’s vergroten de onderzoekende houding en het innovatief vermogen van medewerkers en studenten. En niet onbelangrijk: met LIN’s neemt het aantal stageplaatsen toe. Bovendien brengen LIN’s de ouderenzorg op een positieve manier onder de aandacht van studenten en scholen.
LIN’s moeten natuurlijk aan voorwaarden voldoen. Zo is draagvlak binnen de organisatie van belang en moet er voldoende gekwalificeerd personeel zijn. De studenten zijn altijd boventallig. Want een LIN is géén leerwerkplaats. Sterker nog: ‘Wie met een LIN wil starten, moet een “ongemakkelijke” hoeveelheid studenten hebben’, aldus Marjolein Albers. ‘Pas dan voelen medewerkers en studenten de ruimte om andere dingen te doen. Dingen die bijdragen aan verbetering van de zorg.’

Wat werkt voor de cliënt?

Hoe een LIN precies werkt laat zich het beste illustreren met voorbeeld. Marjolein: ‘Een student ziet een medewerker schuin injecteren en vraagt waarom ze het op die manier doet. Want in het protocol staat dat je loodrecht moet injecteren. In een LIN gaan medewerker en student dan samen het protocol bekijken. Het LIN stimuleert die onderzoekende houding.’ De conclusie van dat ‘onderzoekje’ kan vervolgens zijn dat afwijking van het protocol gerechtvaardigd is. ‘Omdat het cliëntperspectief daarom vraagt. Terugkomend op het voorbeeld hierboven: deze specifieke bewoner is zo dun, dat je op het bot zit als je loodrecht injecteert. In de zorg werken we veel met best practices, handelingen waarvan in de praktijk is gebleken dat ze goed werken. Maar werkt het ook voor de cliënt? Medewerkers kennen de cliënten doorgaans goed en weten wat prettig voor hen is. Studenten zijn goed op de hoogte van de laatste ontwikkelingen en richtlijnen. Een LIN brengt die 2 invalshoeken bij elkaar.’

Handhygiëne

Een ander voorbeeld is het onderzoekje naar de laatste richtlijnen rondom handhygiëne waar 2 studenten binnenkort mee starten. ‘Ze gaan kijken wat beter is, zeep of desinfectiegel’, vertelt Marjolein. ‘Of moet je het direct na elkaar gebruiken? En hoe stimuleer je handhygiëne in de setting kleinschalige wonen? Zeep en gel staan op het medewerkerstoilet en in de keuken, maar niet in de slaapkamers van de bewoners en niet in de sluis naar de woning toe. De studenten doen dit samen met een medewerker die vanuit de praktijk inzicht heeft in wat werkt en wat wel en niet handig is. Zodat het onderzoekje resulteert in een handreiking die werkbaar is.’ Ook interessant: Marjolein zelf heeft net een enquête uitgezet over leerklimaat en teamleren op de 2e etage, waar het LIN is gevestigd, én de 3e etage, waar ‘gewoon’ zorg wordt geleverd. ‘We zijn benieuwd waar het leerklimaat beter is. Hetzelfde doen we voor kwaliteit van leven. Om te zien of het LIN meerwaarde heeft.’

Menukaart werkvormen
‘Een LIN is er niet zomaar, je gebruikt verschillende werkvormen om het voor elkaar te krijgen’, aldus Marjolein Albers. Al die werkvormen brengt Inholland nu samen in een menukaart. ‘Lecturer practitioners kunnen hier een keuze uit maken, afhankelijk van de situatie en het doel. De menukaart geeft ze handvatten.’ Zelf gaat Marjolein volgende week met de medewerkers aan de slag. ‘Veel medewerkers voelen niet de ruimte om dingen op te pakken in het LIN. Daar zitten echte onmogelijkheden bij, zoals roosters die niet goed aansluiten waardoor ze niet fysiek bij elkaar kunnen komen. Maar er zijn ook gepercipieerde onmogelijkheden. Denk aan medewerkers die vinden dat ze niet van de woonkamer af kunnen. Terwijl dat natuurlijk onzin is. De verpleegkundestudenten kunnen het immers prima bolwerken. Een goede werkvorm is dan om alle medewerkers een dag uit de zorg te nemen. Ik kondig van te voren aan dat zo’n dag kan komen. Dan draaien de studenten de groep en ga ik met de medewerkers een project doen.’

Op de troepen vooruit

Inholland en Zonnehuisgroep Amstelland zijn in 2016 begonnen met de LIN’s: 1 LIN kleinschalig wonen pg en 1 LIN revalidatiezorg. Toen in 2017 het nieuwe Kwaliteitskader verpleeghuiszorg verscheen bleken ze op de troepen vooruit te lopen. ‘Het kwaliteitskader geeft de sector verschillende opdrachten, ook op het gebied van leren en verbeteren van kwaliteit’, licht Marjolein toe. ‘Zo moeten organisaties hun lerende vermogen zichtbaar maken, er moet gereflecteerd en geleerd worden, ze moeten in kennisnetwerken onderzoek, onderwijs en beleid actief verbinden, en zorgverleners moeten meewerken aan kwaliteitsverbetering. Dat zijn allemaal dingen die in een LIN gebeuren.’

Inholland wil de LIN’s nu verder ontwikkelen. Marjolein: ‘Toen we van start gingen hadden we ook een LIN in de thuiszorg. Maar dat werkte toen nog niet. We proberen het nu opnieuw, met de ervaring die we inmiddels hebben opgedaan. Daarnaast gaan we multidisciplinaire LIN’s maken: met naast hbo-v’ers ook helpenden, verzorgenden, fysiotherapeuten en ergotherapeuten. En studenten social work, daar zie ik een belangrijke verbinding. Want zeker in de psychogeriatrische zorg is het begeleiden van mensen steeds belangrijker.’

Spel belevingsgerichte zorg
Op de afdeling kleinschalig wonen staat belevingsgerichte zorg centraal. Maar niet iedere medewerker heeft dat even goed in de vingers. ‘Dat is ook best moeilijk, zeker als je van een afdeling komt waar je gewend was taakgericht te werken’, zegt Marjolein Albers. Samen met de studenten ontwierp Marjolein een spel. Met als doel de belevingsgerichte zorg te verbeteren. Tegelijkertijd is het spel ook een leuke teambuildingsactiviteit. Het spel heeft met verschillende categorieën met een eigen kleur. ‘Groen staat bijvoorbeeld voor de geschiedenis van bewoners. Wat deden ze vroeger? Waar gingen ze op vakantie? Wit staat voor medische achtergronden. In de rode categorie zitten opdrachten om in de huid van een bewoner te kruipen. Hoe is het om met een lift uit bed te worden getild? Of een medewerker moet de rest van het spel uitzitten met watjes in de oren om te ervaren hoe het is om minder te horen. Of ze krijgen incontinentiemateriaal aan.’ Het team dat als eerste alle kleurtjes heeft wint. De medewerkers waren zo enthousiast dat Inholland en Zonnehuisgroep Amstelland nu werken aan een variant die ook buiten de pg-afdeling van locatie Westwijk te gebruiken is.

Meer weten

Dit artikel is een verslag van de workshop over het LIN tijdens de HR-netwerkbijeenkomst over innovatieve arbeidsmarktoplossingen van 27 maart 2018. Lees ook de andere verslagen van deze middag:

Bekijk het themadossier Arbeidsmarkt voor meer aansprekende praktijkvoorbeelden over dit onderwerp.


Geplaatst op: 18 april 2018
Laatst gewijzigd op: 18 april 2018