Schoonmaak in de verpleeghuiszorg: wie betaalt en wie maakt schoon?

Uit de praktijk van de verpleeghuiszorg blijkt dat het niet altijd duidelijk is hoe de bekostiging van schoonmaak vanuit de wet geregeld is en wie verantwoordelijk is voor de uitvoering. Dit zorgt voor onduidelijkheid. Wat doet de zorg? En wat pakt de afdeling schoonmaak op? Is het toegestaan dat familie bepaalde schoonmaaktaken op zich neemt of is dat juist verplicht? Lees de antwoorden op deze vragen.

Wanneer een cliënt wordt opgenomen binnen de verpleeghuiszorg heeft de instelling volgens de wet (Hoofdstuk 3, artikel 3.1.) een aantal verplichtingen, namelijk:

  • Het verstrekken van eten en drinken.
  • Persoonlijke verzorging en begeleiding en verpleging.
  • (Geneeskundige) behandeling.
  • Vervoer.
  • Het schoonhouden van de woonruimte van de cliënt en van de gezamenlijke woonruimten.

NZa en rol bekostiging

De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) speelt een belangrijke rol bij de beheersing van de zorgkosten. De NZa maakt omschrijvingen van behandelingen met registratie- en declaratieregels, en stelt budgetten vast al dan niet met maximumtarieven. Een maximumtarief is een tarief dat ten hoogste in rekening mag worden gebracht. Binnen de omschrijvingen van de NZa worden de schoonmaaktarieven niet specifiek gelabeld. Naast de bepaling van prestaties en tarieven houden zij toezicht op zorgaanbieders en zorgverzekeraars.

Wat houdt het schoonhouden van de woonruimte van de bewoner in? Wat wordt wel en niet gedaan?
Schoonmaak vindt plaats in de omgeving van de bewoner. Er wordt onderscheid gemaakt tussen:

  • De ruimte die de bewoner voor eigen gebruik heeft, zoals zijn kamer met douche en toilet.
  • De ruimtes die de hij deelt met anderen bewoners, zoals de gezamenlijke woonkamer en keuken.

In de wet wordt gesproken van het schoonhouden van de woonruimte, maar uit de praktijk blijkt dat dat niet voldoende is. Er is meer nodig om een huis op orde te houden, zoals het klaarmaken van maaltijden en het doen van de was en de strijk. De Wlz moet daarvoor worden aangepast naar huishoudelijke hulp.

Wie maakt schoon?

Organisaties kiezen zelf of zij de schoonmaak uitbesteden aan een extern schoonmaakbedrijf of dat zij de werkzaamheden intern beleggen. Wanneer een organisatie de schoonmaak intern belegt, kan zij vervolgens zelf bepalen wie wat doet. In sommige gevallen kan dat een facilitaire dienst met schoonmaakmedewerkers zijn, maar dit kunnen ook zorgprofessionals zijn. De instelling mag daarnaast ook de client vragen mee te helpen met het schoonhouden van de ruimten, maar dit is niet verplicht. Wanneer de organisatie cliënten betrekt bij de schoonmaak, dan is het handig om goede afspraken te maken over wie wat doet. Leg deze afspraken vast en kom er regelmatig op terug met elkaar.

Schoonmaak en mantelzorgers

Kunnen mantelzorgers ook betrokken worden bij de schoonmaak? Wettelijk zijn er geen grenzen aan wat mantelzorgers wel en niet mogen doen in de zorg. Dat geldt voor zorg thuis en voor zorg in een woonzorgvoorziening. Familie en mantelzorgers worden niet genoemd in wetten die gaan over de zorg. In de wetgeving staat de cliënt centraal. Zolang die daartoe in staat is, moet de cliënt toestemming geven aan de zorgorganisatie om zorg te verlenen. Als de cliënt de voorkeur geeft aan zorgverlening door de mantelzorger, dan is dat wettelijk gezien heel goed mogelijk.

Schoonmaak en professional

In de praktijk zijn er ook situaties te bedenken waarin zorgprofessionals een deel van de schoonmaaktaken op zich nemen. Bijvoorbeeld bij ongelukjes in het weekend of ‘s avonds wanneer de schoonmaak afwezig is. Een ander voorbeeld is de kleinschalige woonvoorzieningen. In de kleinschalige woonvoorzieningen werken zorgprofessionals vaak alleen en er wordt van hen veel zelfstandigheid gevraagd in het doen van meerdere verschillende taken. Waar in het verpleeghuis elke taak of onderdeel door een aparte discipline wordt ingevuld, komen nu alle handelingen in een medewerker samen. Daarnaast maken mantelzorgers onderdeel uit van het zorgteam. Dit zorgt ervoor dat schoonmaaktaken gedaan worden door zorgprofessionals én mantelzorgers. Dit vergt een goede afstemming met elkaar wie wat doet.

Vormen bekostiging

Persoonsgebonden budget

Bij een persoonsgebonden budget bepaalt de cliënt zelf welke zorg er wordt ingekocht en van wie. Dat kan een familielid of mantelzorgers of een formele zorgverlener zijn, bijvoorbeeld iemand met een zorgdiploma. De cliënt sluit zelf contracten af met zorgverleners, maakt een planning en stuurt zorgverleners aan. De cliënt heeft een rekening bij de Sociale Verzekeringsbank (SVB). Daar wordt het budget op gestort. De SVB betaalt daarmee de zorgverleners uit. Je krijgt dus nooit het geld van je PGB op je eigen bankrekening gestort.

Persoonsvolgende bekostiging

Tot slot bestaat ook de persoonsvolgende bekostiging. De cliënt heeft de beschikking over het budget van zijn ZZP-indicatie. De organisatie gebruikt een deel van het budget om vaste kosten te betalen, zoals nachtzorg. Het resterende deel kan de cliënt naar keuze inzetten om zorg en ondersteuning in te kopen. Een cliënt kan hiermee bijvoorbeeld zijn eigen vertrouwde schoonmaker meenemen naar de instelling. Een effect hiervan is dat de zorg persoonsgerichter wordt en een cliënt meer eigen regie ervaart. Een nadeel is dat de financiële systemen hierop nog niet voldoende zijn ingericht, vandaar dat het nog niet zo vaak wordt ingezet.

Hoe wordt kwaliteit van de schoonmaak bewaakt in de verpleeghuiszorg?

De schoonmaak van de woonruimte van de bewoner moet kwalitatief in orde zijn. Bekijk de richtlijnen:

Meer weten

Geplaatst op: 6 april 2022
Laatst gewijzigd op: 7 april 2022