‘Door de Wij-regels is het zorgleefplan een levend document geworden’

Een zorgaanbieder die wil aansluiten op de wensen van zijn cliënten, moet die cliënten heel goed kennen. Natuurlijk begint dit met een zorgleefplan, maar als hier nadat de cliënt naar een verpleeghuis is verhuisd niets meer mee wordt gedaan, is dit slechts een momentopname. De Koperhorst heeft met het project Eigen Wijze zijn eigen wijze ontwikkeld om niet in deze valkuil te trappen.

Zo ben je nog vakantiemedewerker, en zo ben je ineens coach voor de “Wij regels” die de Koperhorst in Amersfoort heeft opgesteld in het kader van het project Eigen Wijze. Dit overkwam Desirée Priem. Ze vertelt: ‘Na werk in andere sectoren kwam ik hier vier jaar geleden binnen als vakantiemedewerker voor hulp in de huishouding en ik dacht meteen: “Wat is dit leuk, waarom heb ik dit nooit eerder geweten?”. De sfeer hier in huis, de fijne manier waarop mensen met elkaar omgaan. Ik voelde me meteen thuis.’ Ze vroeg of ze mocht blijven, kreeg een enthousiast antwoord en rondde afgelopen jaar haar opleiding tot verzorgende niveau drie af. De Koperhorst zat intussen fors in de lift, behaalde het Prezo-certificaat en ontwikkelde een beleidsvisie op basis van het uitgangspunt de cliënt veel beter te willen leren kennen. Zo ontstond dus dat project Eigen Wijze, in het kader waarvan de “Wij regels” werden opgesteld, om ervoor te zorgen dat per team en per afdeling een uniforme manier werd ontwikkeld om de cliënten en elkaar te benaderen. Binnen de visiedomeinen “persoonlijke aandacht” en “veilige leefomgeving” werden regels benoemd als uitgangspunten voor het dagelijks handelen van de teams. “Wij maken contact” bijvoorbeeld, “Wij hebben oog voor elkaar”, “Wij zijn gastvrij”, of “Wij bellen aan of kloppen…en wachten op een reactie”.

Eigen maken in de teams

De eerste reactie die dit bij sommige medewerkers uitlokte liet zich voorspellen: alweer een project. ‘Het is iets wat je moet begeleiden’, zegt Priem, ‘wat echt van de teams moet worden. Daarom zijn ook binnen het team zelf medewerkers als coaches aangesteld, die het team ondersteunen om zich deze “Wij regels” eigen te maken. Iedere dag heeft zijn eigen sfeer en mensen. Bovendien heb je renners en remmers. Je moet dit dus echt op teamniveau aanpakken. Als coach leg je uit wat de achterliggende bedoeling is, je spiegelt met de teams en je spreekt over sociaal en wenselijk gedrag. Kloppen en iemands woonkamer binnenlopen bijvoorbeeld, of kloppen en wachten tot iemand “Ja” zegt. Nooit iets zomaar aannemen, maar altijd de vraag stellen. Dat is ook een Wij regel. Ik merk bij mezelf ook dat ik me dit eigen heb gemaakt. Gisteren had ik avonddienst en dan ga ik altijd rond met koffie en thee. Van één bewoner weet ik dat ze altijd thee wil en als je dat weet is je neiging zó groot om dat maar gewoon voor haar in te schenken. Maar toen ik “Wilt u koffie of thee?” vroeg zei ze tot mijn verrassing: “Nou, doe mij vanavond maar eens een kopje koffie”. Je moet mensen altijd blijven zien.’
Het lag voor de hand dat in de teams die met de “Wij regels” aan de slag ging af en toe de opmerking klonk “Dat doen we toch al”. Priem: ‘Maar het ging er juist om bewustwording te creëren over het gedrag van medewerkers naar bewoners en daarin als team één lijn te krijgen. Dat maakt je als team sterker en transparanter en het creëert rust voor de bewoners, ze weten waar ze aan toe zijn. En na verloop van tijd merkten we echt dat het begon te werken. Wat hierin een belangrijke rol speelde, was dat we een veilige leeromgeving boden waarin iedereen open durfde te zijn naar elkaar en commentaar durfde te geven en te ontvangen.’

‘We bieden een veilige leeromgeving waarin iedereen open durft te zijn naar elkaar en commentaar durft te geven en te ontvangen’

Betrokken familieleden

Door bij teamoverleggen voorbeelden van cliënten te betrekken, leerden de teams de cliënten en hun individuele karakteristieken gaandeweg steeds beter kennen. Priem: ‘We organiseerden ook een familieavond om de “Wij regels” en de rol van de familie daarin uit te leggen. Dat werd enorm gewaardeerd. En het past ook bij hoe wij hier gewend zijn om te werken, want we betrekken familieleden overal bij. Bij de inrichting van de woonkamer bijvoorbeeld, maar feitelijk bij alles wat er in huis gebeurt. Het gevolg is dat familieleden zich ook echt betrokken voelen bij het leven hier in huis. Ze vertellen het ons ook als er soms wat aan de hand is in een familie waardoor ze even wat minder op bezoek kunnen komen. De betrokkenheid is duidelijk groter geworden. Familieleden zijn ook sneller bereid om even bij te springen als dat nodig is. Wat je uitstraalt krijg je terug. Mensen krijgen een band met de organisatie. Toen een maand geleden kort na elkaar twee bewoners overleden, zeiden familieleden: “Als ik oud ben hoop ik dat ik hier op de afdeling mag komen wonen”. Een groter compliment kun je niet krijgen.’

Levend document

Een gevolg van de “Wij regels” is dat oog wordt gehouden op hoe de situatie van bewoners in de loop van de tijd verandert. ‘Dit wordt ook bijgehouden in het zorgleefplan’, zegt Priem, ‘dat is hiermee dus een levend document geworden. De teams spelen in op veranderingen. Ze proberen het gebruik van psychofarmaca terug te dringen, onbegrepen gedrag te duiden. In een team is bijvoorbeeld voor een bewoner die rond etenstijd altijd heel onrustig werd een dagindeling gemaakt die haar veel meer rust en structuur biedt. Zo proberen de teams op alle fronten aan te sluiten bij de wensen en behoeften van de bewoners. Ook door mensen zelf de keus te laten of ze tussen de middag of ’s avonds warm willen eten bijvoorbeeld. En als er een nieuwe bewoner komt, gaan we in gesprek met de familieleden thuis om te kijken hoe iemand gewend was om te leven. Dan wordt dat ook het uitgangspunt voor iemands leven hier.’

Complimenten geven is ook een vast item geworden in de Koperhorst. ‘Bij een collega een persoonlijk complimentkaartje in het postvak leggen is persoonlijker dan aan het einde van je dienst de deur uit lopen met de mededeling dat het weer leuk was vandaag’, zegt Priem. ‘En bewoners gaan zich prettiger voelen als ze complimentjes krijgen. Dat is logisch, maar je moet je er wel even bewust van worden. Dan wordt het een werkwijze, dan worden nieuwe mensen er ook op aangenomen. De sfeer in huis is nu veel relaxter geworden. Mensen zijn ook veel opener naar elkaar. En er worden meer dingen gezamenlijk gedaan: koffie drinken, eieren en broodjes bakken. De bewoners blijven individuen natuurlijk, maar er heerst bijna een familiegevoel.’

Meer weten

Geplaatst op: 7 november 2017
Laatst gewijzigd op: 26 juli 2019