Meer erkenning voor geestelijke verzorging in verpleeghuis

Geestelijke verzorging, daar doe je toch een beroep op als je worstelt met je geloof? Die vraag krijgen geestelijk verzorgers Alice Bremmer en Greetje Koopmans nog regelmatig voorgeschoteld. Terwijl het werk van de geestelijk verzorger veel breder is. Dat geldt zeker voor het verpleeghuis, waar bewoners te maken kunnen krijgen met eenzaamheid, rouw en omgaan met de laatste levensfase. 

Geestelijke verzorging helpt

‘Ze maken de balans op van hun leven. In dat proces komt van alles boven. Geestelijke verzorging kan helpen om het levensverhaal ten goede te keren.’ Dat is de ervaring van Greetje Koopmans, die sinds acht jaar werkzaam is als geestelijk verzorger bij het Friese ZuidOostZorg.

In het recente Kwaliteitskader Palliatieve Zorg & Geestelijke Verzorging staat dat geestelijke verzorging een belangrijke rol speelt in hoe mensen omgaan met ziekte of kwetsbaarheid. Voor verpleeghuisbewoners is het verpleeghuis de plek waar zij het laatste deel van hun leven doorbrengen. Koopmans: ‘Dan slaat soms de paniek toe omdat iemand beseft dat hij of zij niet meer terug naar huis kan. De zin van het leven moet opnieuw bekeken worden. Is er nog zin? De geestelijk verzorger kan hen in dat proces begeleiden.’

Haar collega van BrabantZorg, Alice Bremmer, komt het ook veel tegen. ‘Geestelijke verzorging biedt begeleiding bij zingevings- en levensvragen, maar heeft inderdaad vaak te maken met verlieservaringen. Van thuis, van perspectief en van dierbaren. Soms is iemand de enige in de familie of gezin die nog over is.’

Meer oog voor

Koopmans en Bremmer zien hun vak veranderen. ‘De aandacht voor de mens achter de ziekte neemt toe. En daarmee ook de erkenning van geestelijke verzorging in het verpleeghuis’, merkt Alice Bremmer in de veertien jaar dat ze voor BrabantZorg werkt. ‘De visie van positieve gezondheid als onderligger helpt daarbij. We komen meer los van het medische model en krijgen meer oog voor welzijn en welbevinden, ook in de samenleving.’ Dat neemt niet weg dat er jarenlang bezuinigd is geweest op de geestelijke verzorging in het verpleeghuis. Koopmans: ‘Tot mijn frustratie word ik vaak ingeschakeld als bij mensen het water al tot aan de lippen staat.’ Bij beide verzorgers is het aantal verpleeghuisbewoners dat een beroep op hen kan doen, nagenoeg verdubbeld.

Een bijzondere ingang bij mensen met dementie

Geestelijk verzorgers hebben in hun werk regelmatig te maken met bewoners met dementie, niet-aangeboren hersenletsel en ouderen met een licht verstandelijke beperking. Creativiteit en goed kunnen aansluiten zijn daarin belangrijk.

Zorgen voor herkenning

Regelmatig verschijnt ze op het werk gekleed in een jaren 30-outfit of met een petticoat aan. Collega’s van Greetje Koopmans kijken er niet raar van op. Koopmans geeft met de kleding van vroeger bewoners een gevoel van herkenning, wat vaak goed werkt bij mensen met dementie.

Ook pakt ze op de gang van de gesloten afdeling regelmatig momenten om te reminisceren: ‘Gisteren nog nam ik plaats naast een mevrouw die met een pop in haar arm zat en vroeg haar of het haar baby was. Daarna hadden we een heel gesprek over hoe eng ze het vond om op haar 18e haar eerste kind te krijgen. Ik zag dat het gesprek haar rust gaf. Het zijn momenten van heelheid.’

Erkennen wat er is

‘Ik probeer momenten te creëren waarop iemands identiteit weer zichtbaar wordt’, vertelt Alice Bremmer. ‘Regelmatig sjouw ik met bloemen, kaarsen, foto’s en iets lekkers en maak ik een mooi plekje op tafel. Ook neem ik iemand mee die gitaar of mondharmonica speelt en dan ga ik mensen voorzichtig uitnodigen. Heel rustig maak ik contact, noem ik hun naam. Ik benoem dat Annie verdrietig is en Kees boos. Ik erken wat er is. In dat moment wordt de identiteit van iemand zichtbaar. Of niet, en dan ga ik er juist naar op zoek.’

sfeer-tafel-herkenning-dementie

Kortere verblijfsduur

De korterwordende verblijfsduur van de verpleeghuisbewoner brengt ook een verandering teweeg in het werk. ‘Gemiddeld wonen mensen nog maar anderhalf jaar bij ons’, constateert Koopmans. ‘Daarom is bij palliatieve zorg naast symptoombestrijding juist geestelijke verzorging zo belangrijk.’ Alice Bremmer voelt zich niet belemmerd door de kortere verblijfsduur: ‘Zelf heb ik niet het gevoel dat mensen er korter zijn, omdat ik wel vaak een band met hen kan opbouwen.’

Die band bouwen zij vaak in meerdere gesprekken op. Ingeschakeld door collega’s, familie of soms door de bewoner zelf, nemen ze de tijd die nodig is. ‘Ons werk is heel basaal en bestaat vooral uit luisteren. En vertalen. Soms komt een verhaal met horten en stoten, en probeer ik mensen de woorden terug te geven en meer helderheid te brengen in wat ze meemaken’, aldus Bremmer.

Afscheidsritueel

Tot slot Greetje Koopmans: ‘Ik ben voorzichtig met de kwesties die ik aanraak; soms is het verdriet zo groot dat onze geest het niet aankan om deze kwesties aan te raken. Vroeger was het niet gebruikelijk om over een doodgeboren kindje te spreken. Zowel op de somatische afdeling als op de psychogeriatrische zorgafdeling ben ik dit verschillende keren tegengekomen. Wanneer mensen in het verpleeghuis komen wonen en de balans opmaken van hun leven, dan kan dit weer opnieuw gaan spelen. De moeder heeft meestal het kindje wel een naam gegeven. Samen erkennen we dit kindje door het deze naam te geven, en door middel van rituelen nemen we afscheid van het kindje. Erkennen van dit grote verdriet maakt dat er rust en ruimte mag komen.’

Geestelijk verzorging in het verpleeghuis: tips voor zorgprofessionals

Alice Bremmer en Greetje Koopmans geven medewerkers in hun organisaties voorlichting en klinische lessen over wanneer ze bijvoorbeeld de geestelijk verzorger kunnen inschakelen. Maar ook in het dagelijkse werk kan de verzorgende of verplegende medewerker zelf veel doen. Twee tips:

  • Wees aanwezig:  ‘Wees aanwezig, in het hier en nu, zelfs in die vijf minuten dat je er bent. Zie en hoor, en zet die telefoon voor even op trilstand’, is de belangrijkste tip van geestelijk verzorger Greetje Koopmans. Beroepsgenoot Alice Bremmer komt met een vergelijkbaar advies. ‘Sta jezelf toe om soms even op je handen te zitten en niet te handelen. De diepste motivatie van veel verzorgenden gaat terug naar het kunnen luisteren naar de cliënt, van mens tot mens. Maar hun dagelijkse werk vraagt juist veel handelen en registreren.’
  • Eenvoudige vragen: ‘Stel eenvoudige vragen’, is een tweede advies van Bremmer. Zoals: wat houdt u in het bijzonder bezig op dit moment? ‘Vaak zitten mensen heel erg vol, en deze vraag helpt hen focussen. Daarna kan je vragen: wat zou u graag willen? Of: wie zou u op dit moment graag bij u willen hebben ter ondersteuning? Deze vragen helpen verzorgenden om niet in het somatische te blijven hangen, maar te weten te komen wat er voor iemand toe doet.’

Door: Anja Klein

Meer weten


Geplaatst op: 10 december 2019
Laatst gewijzigd op: 10 december 2019