Medewerkers én stagiaires verbeteren zorg bij Zonnehuisgroep Amstelland

Jeroen Verlaat, hoofd van de afdeling Westwijk van Zonnehuisgroep Amstelland (ZHGA), sprak over het leer en innovatie netwerk (LIN) rondom bewoners met dementie van de locatie Westwijk tijdens een bijeenkomst van het Kennisnetwerk Dementie. Zijn presentatie ging over de vraag: leidt het onderzoeken van werkprocessen vanuit de LIN tot persoonsgerichte zorg?

Westwijk wil innoveren en werkt daarvoor met veel stagiaires en een lecturer practitioner van Hogeschool Inholland. ‘We creëren een lerende organisatie. Naast dat dit goed is voor medewerkers en cliënten is dit ook goed voor onze naam. We verbeteren de zorg.’ Iedereen is op de hoogte van LIN. Tijdens sollicitaties let ZHGA er bijvoorbeeld ook op dat de sollicitanten het initiatief steunen. De organisatie zat in 2016 in een financiële dip. Ze besloot dat er gekort moest worden op ondersteunende diensten en personeel. Als gevolg daarop wilden ze met meer stagiaires gaan werken. Dat ging in het begin moeizaam. Stagiaires kwamen meer halen dan brengen. Er was niet veel sprake van onderzoek, wat wel werd verwacht en nodig was om de zorg te verbeteren. Ook duurde het zetten van nieuwe stappen veel te lang. ‘Je moest overal toestemming voor vragen aan de persoon boven jou.’ Dus trok het personeel zelf de stoute schoenen aan. Ze maakten een rooster en een planning voor medewerkers en stagiaires. Dat was een succes. Zo waren ze beiden meer op elkaar afgestemd.

Lecturer practicioner

De lecturer practicioner brengt iedere week een volle dag door op de werkplek. Hiermee streeft de opleiding Verpleegkunde ook de professionalisering van de docent na en de mogelijkheid om actuele zorgvragen en casuïstiek naar het onderwijs te brengen. Een ander voordeel is dat de docent zorgt voor begeleiding op de werkplek. Dit draagt ook bij aan professionalisering van medewerkers van de deelnemende organisaties.

Stagiaires

Ook helpen de stagiaires elkaar. ‘We starten twee keer per jaar met 28 leerlingen. De vierdejaars ondersteunen de eerstejaars. Zowel de stagiaires als de medewerkers krijgen meer training. Sámen doen ze onderzoek en geven ze presentaties. De stagiaires halen én brengen zo iets.’ Ook is Zonnehuisgroep gestart met projectgroepen. Per groep wordt gekeken wat de studenten willen leren en wat hun leerdoelen zijn. ‘Maar dit loopt nog matig’, aldus Verlaat.

Spel á la Triviant

Wat goed werkt volgens Jeroen, is om een bijeenkomst te organiseren met zowel de stagiaires die bijna klaar zijn met de stage en de nieuwe groep stagiaires. ‘Zorg dat de kennis en ervaringen overgedragen worden naar de nieuwe groep.’ Ze zochten ook naar een manier om nieuwe stagiaires de bewoners snel te leren kennen. Hiervoor bedachten ze een spel, á la Triviant. Een spel met vragen over de bewoners, zoals: wie heeft er in het buitenland gewoond? De stagiaires spelen dit spel samen met de medewerkers. Voor sommige zorgmedewerkers was dit best confronterend, omdat bleek dat ze de bewoners niet zo goed kenden. Voor de stagiaires die bijna klaar zijn met hun stage is dit een goede manier om af te sluiten en de nieuwe stagiaires komen in een warm bad.
Stagiaires vinden het prettig om stage te lopen bij ZHGA, omdat ze beschouwd worden als een collega en niet als leerling. Ze mogen ideeën inbrengen en uitvoeren en bijvoorbeeld met bewoners op bewonersvakantie waar ze veel inzichten opdoen.

Uitdagingen

Soms vindt Jeroen het samenwerken met de lecturer practitioner lastig. ‘Zij wil sneller dan ik en het team. Mensen moeten hier leren leren en de ruimte voelen om met ideeën te komen. Dat zijn ze niet gewend. Ze zijn niet gewend onderzoek te doen. Ze worden daarentegen wel geholpen door stagiaires die kritisch meekijken. Het grootste struikelblok voor LIN is kleinschalig wonen. ‘Op grotere plekken heb je meer overzicht en is het makkelijker om elkaar op te zoeken. Kleinschalig wonen is vaak achter de voordeur en op de kamer van de cliënt. Het leerklimaat is een uitdaging.’
Er gaat veel tijd inzitten, meent Verlaat. ‘Je moet stagiaires blijven meenemen en blijven prikkelen. Ook is vaak overleg met de praktijkbegeleider nodig.’

Meer weten


Geplaatst op: 17 mei 2018
Laatst gewijzigd op: 6 september 2019