IGJ: verbetering nodig zorg bij zeer ernstig probleemgedrag cliënten met dementie

Geplaatst op: 14 januari 2020
Laatst gewijzigd op: 15 januari 2020

De IGJ stelt in het gepubliceerde rapport dat er verbetering nodig is in de zorg voor cliënten met zeer ernstig probleemgedrag bij dementie. De IGJ ziet veiligheidsrisico’s voor cliënten en voor de betrokken zorgverleners en behandelaren. Positief punt is dat de IGJ bij zorgaanbieders die maatregelen doorvoeren, veel vooruitgang en structurele investeringen in korte tijd waarneemt.

Vragen rondom toepassen palliatieve sedatie

De inspectie ontving een aantal meldingen en signalen waarbij volgens behandelaren sprake was van zeer ernstig, moeilijk beïnvloedbaar probleemgedrag bij ouderen met dementie, die wonen in instellingen voor verpleeghuiszorg met een Bopz-aanmerking.   Mogelijkheden voor overplaatsing naar de ggz of andere zorgaanbieders in de regio ontbraken. Redelijke alternatieve behandelingen waren er niet meer. 

Ernstig probleemgedrag kan een refractair symptoom zijn. Dan is palliatieve sedatie mogelijk om het lijden van de cliënt te verminderen. De inspectie ontving echter signalen dat de richtlijn ‘Palliatieve sedatie’ (2009) van de KNMG veel vragen oproept over het toepassen van continue sedatie bij deze cliënten. 

Maatregelen ter verbetering

De zorgaanbieders die bij de meldingen betrokken zijn, hebben meerdere maatregelen ter verbetering opgesteld op basis van hun eigen onderzoek en dat van de inspectie. De inspectie heeft deze zorgaanbieders na enige tijd nogmaals bezocht om de implementatie van de maatregelen te toetsen. Zij constateerde veel vooruitgang en structurele investeringen in korte tijd.

Er zijn op basis van het onderzoek drie concrete verbeterthema’s uitgewerkt:

1. De implementatie van de richtlijn ‘Probleemgedrag bij mensen met dementie’ moet beter.

De inspectie constateert dat de multidisciplinaire probleemanalyse van probleemgedrag in de praktijk nog onvoldoende is geïmplementeerd. Hierdoor worden mogelijke psychosociale interventies niet tijdig ingezet. 

Verbeterpunten uit de praktijk:

  • Erken als bestuurder de toename van zeer ernstig probleemgedrag en de noodzakelijke investeringen voor aanpassingen.
  • Implementeer de richtlijn ‘Probleemgedrag bij mensen met dementie’ en voer systematische probleemanalyse en evaluaties uit.
  • Kies bewezen effectieve interventies voor omgaan met probleemgedrag, zoals genoemd op databankinterventies.nl. Zorg voor cyclische scholing en implementeer deze in het ECD.

Bekijk alle verbeterpunten uit de praktijk.

2. Deskundigheidsbevordering en de inzet van andere deskundigen is nodig.

De kennis en vaardigheden van zorgverleners over het omgaan met (zeer) ernstig probleemgedrag bij dementie moeten beter. Het gaat om deskundigheid en kennis over dementie, maar ook over systematisch observeren en rapporteren over gedrag. En om kennis van bewezen effectieve gedragsinterventies, zodat die ingezet kunnen worden.

Verbeterpunten uit de praktijk:

  • Faciliteer de noodzakelijke cultuurverandering binnen instellingen door samenwerken en opschalen te stimuleren en de grenzen van zorgverleners te kennen.
  • Organiseer continue deskundigheidsbevordering van zorgverleners, gericht op scholing van kennis over dementie.
  • Train vaardigheden in het observeren van gedrag en het uitvoeren van gedragsinterventies.

Bekijk alle verbeterpunten uit de praktijk.

3. Regionale samenwerking en samenwerking met ggz moet beter.

Het maatschappelijke doel is dat de juiste zorg voor mensen met dementie beschikbaar is, ongeacht waar de cliënt woont. Dit vraagt om gespecialiseerde voorzieningen op regionaal niveau met passende deskundigheid. Daarnaast moeten er regionaal mogelijkheden voor kortdurend verblijf zijn.

Verbeterpunten uit de praktijk:

  • Initieer bestuurlijke samenwerking tussen verpleeghuizen en ggz-instellingen in de regio. Hierdoor worden consultatie en tijdelijke opname in de ggz makkelijker gemaakt.
  • Ontwikkel een gezamenlijke afdeling van ggz en verpleeghuiszorg voor kortdurende opname ter observatie.
  • Zet SPV’ers uit ggz-instellingen in voor scholing van zorgverleners in de verpleeghuiszorg. Zo leren zorgverleners elkaar kennen en dit verlaagt de drempel voor samenwerking.

Bekijk alle verbeterpunten uit de praktijk.

Bron: IGJ.nl

Meer weten