Effectief regionaal leernetwerk voor mantelzorgers en vrijwilligers
Gepubliceerd op: 18-05-2026
Samen zorgen voor een goede oude dag. Mantelzorgers en vrijwilligers nemen een steeds grotere plek in het zorgproces in. Maar hoe zorgen we ervoor dat zij zich hierbij gesteund, vaardig en verbonden voelen? Zorgorganisatie Aafje was een van de oprichters van Leernetwerk De Driehoek.
Medewerkers van Aafje hebben goede ervaringen met een regionaal leernetwerk dat trainingen, kennis en ontmoetingen biedt aan mantelzorgers en vrijwilligers. Op de website van Leernetwerk De Driehoek staat een groot aanbod van fysieke vaardigheidstrainingen en informatiebijeenkomsten voor mantelzorgers en vrijwilligers. Denk aan:
- het wassen van cliënten;
- het aantrekken van steunkousen;
- informatie over het omgaan met mensen met dementie en de ziekte van Parkinson.
De deelnemers kunnen niet alleen live workshops volgen. Ze hebben ook de mogelijkheid om trainingen online te doen.
Kom naar de workshop het congres Waardigheid en trots voor de toekomst
Wil je meer weten over het leernetwerk? Op het congres Waardigheid en trots voor de toekomst hoor je er meer over in de workshop 2.11: ‘Leernetwerk De Driehoek: samenwerken aan sterke informele zorg’.
Waarom opgezet?
Leernetwerk De Driehoek bestaat nu anderhalf jaar. De zorginstellingen Aafje, Cedrah, Stichting Humanitas, Laurens, Lelie zorggroep, De Vijverhof en De Zellingen zetten het netwerk samen op. In tijden van vergrijzing moeten we immers steeds meer samen met vrijwilligers en mantelzorgers zorgen voor een goede oude dag. Ook omdat steeds minder mensen in de zorg (gaan) werken. Maar dan is het belangrijk dat mantelzorgers en vrijwilligers zich hierbij gesteund en vaardig voelen.
‘Bij Aafje hadden we eerst een mantelzorgacademie opgezet om mantelzorgers vaardigheden aan te leren’, vertelt Marleen Granneman, coördinator informele zorg bij Aafje. ‘Maar dat werkte niet goed. Er kwamen maar weinig deelnemers op af. Dat kwam waarschijnlijk vooral doordat de trainingen alleen op de hoofdlocatie werden gegeven en niet op de locaties zelf.’
Groter bereik
De ouderenzorginstellingen in de regio hadden al regelmatig contact met elkaar. Ze besloten om dit thema samen op te pakken. Sinds het Leernetwerk De Driehoek is opgezet, ging de belangstelling voor de trainingen behoorlijk omhoog. Er zijn nu groepen van maximaal vijftien deelnemers. ‘We hebben nu een groter bereik’, is de verklaring van Marleen. ‘De trainingen worden op meerdere locaties gegeven. En ik denk dat het meer is gaan leven omdat het trainingscentrum nu een eigen naam en logo heeft.’
Samen krachtiger
Ook als het om de financiering gaat, sta je samen sterker. Zo is de opzet en de doorontwikkeling van het Leernetwerk voor een groot deel gefinancierd via regionale transitiemiddelen van het Zilveren Kruis Zorgkantoor. Marleen: ‘Als organisatie alleen is het lastig om daar financiering voor te krijgen. Met een aantal partijen samen kun je een dergelijk initiatief beter neerzetten.’ Het netwerk laat zien hoe je met regionale samenwerking mantelzorgers, vrijwilligers en zorgmedewerkers bereikt en zo bijdraagt aan het samen zorgen.
Verschillende invalshoeken
Karin Neijssel is vanuit Aafje trainer bij het Leernetwerk. Karin legt uit dat de betrokken instellingen ook samen de workshops meemaakten. ‘De thuiszorg heeft eraan meegewerkt en professionals van verschillende ouderenzorginstellingen. En voor de training palliatieve zorg was er bijvoorbeeld een palliatief verpleegkundige aangesloten. Samen bekijken we wat belangrijk is. Daarom kunnen we meer uitleg geven en meer onderwerpen behandelen.’
Praktisch
Karin gaat meestal ook praktisch met de deelnemers aan de slag. Hoe was je iemand op bed? Wat zijn trucjes als iemand een halfzijdige verlamming heeft? ‘Soms neem ik mijn zoon of iemand anders mee waar de deelnemers mee kunnen oefenen’ vertelt ze. ‘Andere keren doen de deelnemers dat met elkaar.’
Ervaringen delen
Veel vrijwilligers en zeker ook mantelzorgers hebben een druk leven. Ze moeten echt tijd maken voor de training. Daarom worden extra materiaal en tips ook digitaal aangeboden. Deelnemers die wel naar de training kunnen komen, zijn meestal supergemotiveerd. ‘Ik merk ook dat ze het fijn vinden om ervaringen met elkaar te delen’ vervolgt Karin. ‘Zeker mantelzorgers kunnen wel eens onzeker zijn en zich afvragen: doe ik het wel goed? Daarom bieden we in onze trainingen echt ruimte voor die uitwisseling.’
Taken loslaten
Bij het leernetwerk is nadrukkelijk aandacht voor medewerkers. Er zijn speciale materialen ontwikkeld die hen helpen bij het samenwerken met mantelzorgers en vrijwilligers. Een belangrijk onderdeel daarvan is het met vertrouwen delen van taken, zodat er ruimte ontstaat om handelingen uit te voeren die mantelzorgers en vrijwilligers hebben geleerd. Karin ziet in de praktijk hoe waardevol die ondersteuning is.
Zo volgen vrijwilligers en mantelzorgers soms meerdere keren dezelfde training. ‘Vaak omdat ze de handelingen nog te weinig hebben kunnen doen’, legt ze uit. ‘Als iemand niet de kans krijgt om te oefenen, blijft onzekerheid bestaan. Dat signaal nemen wij serieus en koppelen we terug aan de praktijk, zodat leren en doen beter op elkaar aansluiten.’
Heldere kaders nodig
Samen zorgen met mantelzorgers en vrijwilligers vraagt om heldere kaders en een visie. Het geeft richting aan samenwerking, rollen, verantwoordelijkheden, en voor medewerkers makkelijker om hulp vragen en los te laten. Soms leren mensen dingen in de training die ze volgens de regels van sommige organisaties niet mogen uitvoeren. Marleen: ‘Denk aan het helpen met eten en drinken bij cliënten met slikproblemen. Daar lopen we soms tegenaan. De betrokken organisaties zijn bezig om praktijk en regels hierop aan te passen.’
Hoe motiveer je mantelzorgers?
Bij Aafje volgden alle medewerkers een training ‘Samenwerken en communiceren met mantelzorgers‘. Daarin leerden ze onder meer hoe je taken kunt overdragen aan mantelzorgers en vrijwilligers. En hoe je mantelzorgers stimuleert om mee te helpen bij de verzorging van de cliënt. Hoe pak je zo’n gesprek aan? Aafje werkt zoveel mogelijk vanuit de motivatie van de mantelzorger.
Marleen: ‘Drie weken nadat iemand bij ons is komen wonen, heb ik een gesprek met de familie. Maar dan vraag ik niet: “Wat gaat u doen?” Nee, ik vraag: “Wat deed u thuis al en wat mogen we zeker niet van u overnemen?” Als iemand bijvoorbeeld gewend is om zijn partner thuis te douchen, dan is het wellicht fijn om daarmee door te gaan.’
Samen-zorgen-beweging
Concluderend kun je stellen dat Leernetwerk De Driehoek laat zien hoe regionale samenwerking en lage drempels bijdragen aan een betere bereik- en toepasbaarheid. Met kosteloze, digitaal toegankelijke content, trainingen dichtbij huis en inzet van trainers én zorgprofessionals bereikt het Leernetwerk vele mantelzorgers, vrijwilligers en zorgmedewerkers. Zo draagt het Leernetwerk op effectieve wijze bij aan de samen-zorgen-beweging.