Workshop verkent de ruimte voor samenspel tussen cliëntenraden en raden van toezicht

Hoe verhouden de cliëntenraad en de raad van toezicht zich tot elkaar? Deze vraag stond centraal in de workshop Samenspel raden van toezicht en cliëntenraden in de zorg. Verzorgd door advocaat medezeggenschapsrecht Arthur Hol tijdens het Landelijk Congres Cliëntenraden: LEF op locatie op 10 december. Het contact tussen de twee partijen is niet vanzelfsprekend, zo bleek uit de reacties uit de zaal tijdens deze interactieve workshop.

Een van de aanwezigen wees er bijvoorbeeld op dat een raad van toezicht bezwaar kan hebben tegen direct contact van toezichthouders met cliëntenraadsleden vanwege de gedachte dat de laatsten mogelijk informatie uit de toezichthoudervergadering kunnen doorspelen naar anderen. Een tweede wees erop dat in een organisatie reglementair expliciet kan zijn vastgelegd dat het een raad van bestuur verboden is rechtstreeks contact te hebben met een cliëntenraad zonder dat de raad van bestuur hiervoor toestemming heeft gegeven. Een derde stelde dat de raad van toezicht zich vooral bezighoudt met ‘de centen’.

Verder kijken

Voor dit laatste geval stelde Hol dat contact met de cliëntenraad juist waardevol kan zijn voor de raad van toezicht, om die verder te laten kijken dan alleen maar naar de cijfers. Bijvoorbeeld door met elkaar in discussie te gaan over de vraag wat ze allebei verstaan onder kwaliteit.

Meer fundamenteel is het gegeven dat contact tussen de cliëntenraad en de raad van toezicht feitelijk logisch is, omdat er overeenkomsten zijn in de rollen van beide partijen. Ze hebben immers – ieder vanuit hun eigen inhoudelijke en wettelijke kaders weliswaar – beide een taak in het toezien op de activiteiten van de raden van bestuur. ‘Ik hoor vaak van beide partijen dat ze wel samen willen optrekken in het belang van de cliënt, maar niet zo goed weten hoe ze dat vanuit hun verschillende rollen het best kunnen doen’, zei Hol. Dit contact sluit in ieder geval wel aan bij de huidige wetgeving, stelde hij. In de nieuwe Wet Medezeggenschap Cliënten Zorginstellingen wordt de positie van de cliëntenraden in het medezeggenschap versterkt. En in de governancecode wordt een oproep gedaan aan raden van toezicht wordt een oproep gedaan om meer contact te hebben met de cliëntenraad.

Landelijk Congres Cliëntenraden 2018: LEF op locatie
Deze workshop werd verzorgd tijdens het Landelijk Congres Cliëntenraden 2018.

Mooie voorbeelden

Dit contact kan er ook wel degelijk zijn, zo bleek uit de reacties uit de zaal. Een van de aanwezigen vertelde hoe in diens organisatie sprake is van formeel overleg tussen beide partijen, tweemaal per jaar. Dan wordt bijvoorbeeld uitgebreid gesproken over wat voor beide partijen de belangrijke elementen zijn in het onderwerp kwaliteit. Bovendien is het er de gebruikelijke gang van zaken dat een nieuw lid van de raad van toezicht voor een kennismakingsgesprek op bezoek komt bij de cliëntenraad. Heel waardevol, vond Hol. ‘De partijen kunnen bang zijn met gezamenlijk overleg de raad van bestuur voor de voeten te gaan lopen, maar het hoeft natuurlijk in dat overleg helemaal niet over acute kwesties te gaan’, zei hij. ‘Het gaat er meer om elkaar te kennen en visies uit te wisselen.’

Een ander schetste hoe het in zijn organisatie gangbaar is om de cliëntenraad mee te laten kijken naar de profielschets van een nieuw lid van de raad van toezicht. Bovendien bestaat daar formeel en informeel overleg tussen beide partijen, altijd vanuit de kernvraag: is de cliënt gebaat bij wat wij doen voor de organisatie? Toen iemand vervolgens vroeg of de cliëntenraad ten dienste van de raad van toezicht staat voor het vertegenwoordigen van het cliëntenperspectief in een instelling, zei Hol: ‘Dat is wel zo’n beetje de kern van de onduidelijkheid over hoe de rollen van beide zich tot elkaar verhouden. Duidelijk is in ieder geval wel dat er eigenstandige contacten moeten kunnen zijn tussen de cliëntenraad en de raad van toezicht, zonder aanwezigheid van de raad van bestuur. Maar hóe dan is dus onduidelijk. Het samenspel tussen een raad van commissarissen en een ondernemingsraad geeft daar een goede voorzet voor.’

arthur hol

Ruimte voor persoonlijke ontmoeting

Het hele onderwerp wordt zo juridisch benaderd, vond een van de aanwezigen. En dat vond Hol ook wel een ter zake doende opmerking. ‘Het gaat om de persoonlijke ontmoeting’, zei hij. ‘Die geeft ruimte om elkaar te vertellen wat je heeft bewogen om de rol te aanvaarden die je hebt aanvaard. Dan gaat het tenminste om de kern: om de vraag wat je kunt betekenen voor elkaar. Het zou ook niet gek zijn als een vertegenwoordiger van de cliëntenraad als toehoorder aanwezig is bij een vergadering van de raad van toezicht, om het cliëntenperspectief in de gaten te houden.’

Maar kunnen de cliëntenraad en de raad van toezicht dan niet worden samengesmeed tot één adviesorgaan voor de instelling, wilde iemand weten. ‘Ze hebben toch deels verschillende belangen te dienen’, antwoordde Hol. ‘Ze moeten dus ook ieder vanuit hun eigen wettelijke rol kunnen werken.’ Een ander wilde weten of wel sprake is van gelijkwaardigheid tussen de twee partijen. Het niveau van de cliëntenraad is lager dan dat van de raad van toezicht, stelde hij. Hol reageerde: ‘Het is de verantwoordelijkheid van de raad van bestuur om te zorgen dat het niveau van medezeggenschap op orde is. Het is mooi dat dit in de nieuwe WMCZ wordt benadrukt en dat hierin ook de mogelijkheid wordt beschreven voor cliëntenraadsleden om toegang te hebben tot opleiding. De vraag is wel of zij op hetzelfde niveau moeten komen als de bestuurders en toezichthouders. ‘Het is beter om de raad van bestuur te vragen dingen op begrijpelijke wijze uit te leggen’, zei Hol, ‘en om de cliëntenraad te ondersteunen en te faciliteren om extern advies in te winnen als die vindt dat ze dat nodig heeft.’

Door: Frank van Wijck

Meer weten


Geplaatst op: 13 december 2018
Laatst gewijzigd op: 17 december 2018