Verslag: Workshop Pijn bij dementie: ‘Je zult maar pijn hebben en het niet kunnen zeggen…’

Op 20 november 2017 vond in Utrecht het Topcare-symposium plaats. In ruim 25 interactieve workshops presenteerden professionals uit de zorgpraktijk, onderzoek en onderwijs hun ervaringen, resultaten en geleerde lessen. Zo ook tijdens de workshop Pijn bij dementie, verzorgd door Annelore van Dalen – Kok (Specialist ouderengeneeskunde Florence en promovendus LUMC) en Juanita Cheuk-Alam (Verpleegkundig specialist Anesthesiologie, Erasmus Medisch Centrum).

Hoe herken je pijn bij mensen met dementie? Hoe komt het dat onderbehandeling van pijn bij ouderen veel voorkomt? En hoe voorkom je dit? Hierover vertelden  Annelore Van Dalen – Kok en  Juanita Cheuk- Alam tijdens hun workshop Pijn bij dementie.

Van Dalen – Kok geeft in haar inleiding meteen de relevantie van het onderwerp ‘Pijn bij dementie’ aan. ‘Ouderen in Nederland worden steeds ouder, onder andere door betere medische zorg. Maar ouderdom komt met gebreken. En mensen blijven langer thuis wonen. Dat betekent dat, zodra ouderen naar een verpleeghuis verhuizen, de zorglast al veel hoger is. En hoe meer ziekte en beperkingen we hebben, hoe meer er sprake is van pijn.’ Aan de hand van een grafiek laat Van Dalen – Kok zien dat de groep 90-plussers enorm toeneemt. De prevalentie van dementie stijgt naarmate de leeftijd stijgt, het aantal mensen met dementie neemt dus toe.

Prevalentie van pijn bij ouderen

Van Dalen – Kok toont de aanwezigen een afbeelding van de prevalentie van pijn in relatie met leeftijd. Daarin is iets opmerkelijks te zien: tot een leeftijd van 60 jaar neemt de aanwezigheid van pijn toe, maar daarna neemt het weer af. Dat is raar, je zou een lineair verband verwachten. Immers: ouderdom komt met beperkingen welke vaak gepaard gaan met pijn.

Vervolgens stipt Van Dalen – Kok een onderzoek aan waarin is onderzocht in hoeverre mensen zich in hun dagelijks leven belemmerd voelen door pijn. De resultaten hiervan zijn per leeftijdsgroep weergeven. Uit de grafiek blijkt dat 70% van de vrouwen van 75 jaar of ouder zich belemmerd voelt door pijn. Dit lijkt niet te stroken met gegevens over de prevalentie van pijn uit het eerder genoemde onderzoek.

Hoe dit komt, blijkt o.a. uit de resultaten van een onderzoek uit 2001 naar ouderen met chronische pijn: Het onderzoek toont aan dat er sprake is van onderbehandeling van chronische pijn bij ouderen. Uit meerdere recente onderzoeken blijkt hetzelfde.

Onderbehandeling van pijn bij ouderen

Hoe kan het dat er onderbehandeling van pijn bij ouderen is? Volgens Van Dalen- Kok is dit onder andere te verklaren aan de hand van het fenomeen “Ageism”.

Ageism:

  1. Ouderen klagen niet graag. Ze weten dat ouder worden vaak gepaard gaat met een of meer ziekten/aandoeningen die vaak gepaard gaan met pijn , immers: ouderdom komt met gebreken.
  2. Behandelaren vragen niet naar pijn bij ouderen, omdat ze er onbewust vanuit gaan dat pijn bij ouderdom hoort.

De gevolgen van onderbehandeling of het niet juist behandelen van pijn bij mensen met dementie zijn fors:

  • De zorgafhankelijkheid en zorglast nemen toe
  • De cliënt wordt eerder opgenomen in het verpleeghuis
  • Het gedrag dat op de voorgrond staat wordt behandeld, maar wordt niet meer gezien als signaal!

Pijn en dementie

Juanita Cheuk- Alam geeft aan dat meer dan 50% van de mensen met dementie pijn heeft. Ze benadrukt dat het pijnsysteem bij mensen met dementie intact blijft. Cheuk – Alam: ‘De perceptie van pijn en het pijngedrag verandert wél bij mensen met dementie. Door cognitieve en/ of communicatieve beperkingen wordt het moeilijker om de pijn te uiten. Waar de pijn zit en hoe intens de pijn is vaak niet goed te duiden door kwetsbare ouderen met een cognitieve beperking.’ De zorgverlener staat dus voor de uitdaging om de pijn te herkennen en te erkennen om onderbehandeling en inadequate behandeling van pijn te voorkomen.

Uiten van pijn

Van Dalen- Kok geeft de aanwezigen een inkijkje in het onderzoek naar het uiten van pijn door mensen met dementie. ‘Wat uit het onderzoekt blijkt, is dat pijn bij mensen met dementie zich kan uiten in gedrag en in fysiek functioneren. Dat maakt het lastig om het te herkennen.’ Ook de dementie zelf (witte stof schade) kan pijn veroorzaken (centrale pijn).

Uiting van pijn door gedrag:

  • Mensen met dementie uiten de pijn vaak door middel van onbegrepen gedrag, zoals agitatie/agressie, depressie, apathie, angst. En dit onbegrepen gedrag komt veel voor; ruim 80% van de mensen met dementie heeft een vorm van onbegrepen gedrag.

Uiting van pijn door verandering in fysiek functioneren:

Een andere manier om pijn te uiten door mensen bij dementie is een verandering in fysiek functioneren. Dit kan zijn in de vorm van:

  • Inactiviteit
  • Verminderde/veranderende mobiliteit
  • Veranderd eetpatroon
  • Veranderende ADL-functies (ineens hulp nodig bij aankleden bijvoorbeeld).

Van Dalen- Kok wil hierbij extra aandacht geven aan veranderd eetpatroon: ‘Een veranderd eetpatroon kan veroorzaakt worden door pijn in de mond- en keelholte. Pijn in mond- en keelholte komt heel veel voor bij mensen met dementie, maar wordt vaak over het hoofd gezien. Houd dus ook goed de mondgezondheid van je cliënten in de gaten!’

Annelore van Dalen

Pijn observeren en meten

Uit een inventarisatie onder de aanwezigen blijkt dat meer dan de helft van de aanwezige zorgverleners actief vraagt naar pijn bij mensen met dementie. Aan mensen met vergevorderde dementie die bedlegerig zijn wordt het veel minder gevraagd.  Cheuk- Alam: ‘Waarom vraag je aan mensen die in foetushouding in bed liggen niet of ze pijn hebben? Je vraagt toch ook of ze eten of drinken willen? En als je eraan twijfelt of het antwoord betrouwbaar is: stopt dan je actie?’ Cheuk- Alam vervolgt: ‘Als iemand aangeeft dat hij niet wil eten, dan stop je niet met handelen na het horen van het antwoord. Zo hoort het ook te zijn na het stellen van de pijnvraag. Zowel op de ‘ja’ als de ‘nee’ als antwoord op de pijnvraag komt er een vervolgactie, bijvoorbeeld n.a.v. observaties van jezelf of anderen.’

Juanita Cheuk- Alam geeft aan dat het belangrijk is om goed naar de cliënt te kijken. Pijn is vaak te herkennen aan:

  • Gezichtsuitdrukkingen (grimas, neus gaat rimpelen)
  • Lichaamsbewegingen (verkrampen, terugtrekken)
  • Vocalisaties ( Kreunen, Au, Ie)

‘Kijk eens twee minuten naar een cliënt, bijvoorbeeld als hij of zij verzorgd wordt. Je kunt daar al veel informatie uit halen’, aldus Juanita Cheuk- Alam.
Bij het observeren kan je gebruik maken van een pijnobservatieschaal. Voorbeelden hiervan zijn de PAINAD, de REPOS of de PACSLAC. Cheuk- Alam: ‘Bij het invullen van een pijnobservatielijst moet je al je interpretaties loslaten. Als je een gedraging ziet, scoor je hem. Dat is vaak het moeilijkst voor een zorgverlener.’

Effectief implementeren van een pijnobservatieschaal

Cheuk- Alam stipt vervolgens een aantal zaken aan die van belang zijn voor het effectief implementeren van de observatieschaal:

  • Verplichte scholingen: het is belangrijk dat zorgverleners leren werken met de pijnobservatieschaal en collega’s éénduidig scoren.
  • Observatieschaal in EPD: de uitkomsten van de observatieschaal moeten terugkomen in het EPD.
  • Actief betrekken bij de afdelingen
  • Observatieschaal opnemen in beleid kwetsbare ouderen

Tot besluit vatten de sprekers nog snel de take home messages van de presentatie samen:

Take home messages

  • Pijn komt veel voor
  • Vraag vaak naar pijn en blijf alert op uitingen van pijn
  • Neem daar de tijd voor. Observatie levert je veel op
  • Kwaliteit van zorg en de kwaliteit van leven kan je ermee verbeteren
  • Pijnmeting en behandeling blijft maatwerk.

Meer weten


Geplaatst op: 11 december 2017
Laatst gewijzigd op: 11 december 2017