Introductiebijeenkomst ‘kwaliteitsverantwoording’: eerste groep deelnemers met regelruimte

Op 2 december 2015 vond in de ochtend de eerste introductiebijeenkomst plaats van deelnemers aan het programma Waardigheid en trots – Ruimte voor verpleeghuizen, die extra regelruimte nodig hadden om met hun verbeterplan aan de slag te gaan. De eerste groep die daarmee van start gaat bestaat uit 24 organisaties die geclusterd zijn op het thema ‘kwaliteitsverantwoording’.

Een rode draad in alle plannen is het ontwikkelen van een kwaliteitskader en daarbij passende verantwoording vanuit de driehoek cliënt, professional en informele zorg en is ieder vanuit verschillende invalshoeken gericht op verandering. En dus wordt ook de groep gekenmerkt door diversiteit: omvang van de organisatie, impact van de verandering en de doorlooptijd van de verandering.

Commitment en energie

De instellingen worden welkom geheten door themacoördinator Frank Verheul. Na een korte introductie van het programma ‘Waardigheid en trots’ vindt er een interview plaats met Merel Gosens, projectleider Waardigheid en trots namens het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS). Belangrijk is om het werken aan commitment en om de energie van de bijeenkomst van 3 juli 2015 voort te zetten naar vandaag. De bijeenkomst van vandaag staat in het teken van een start en een kennismaking.

Wat betreft Merel zouden de volgende doelen moeten worden bereikt:

  • Driehoek cliënt, informele zorg, professional als uitgangspunt voor zorgverlening. Alle andere partijen zijn volgend daaraan: IGZ, VWS, ZN, ZiNL, ActiZ en anderen;
  • Ruimte geven aan aanbieders om best practice te worden en aan Nederland te laten zien dat het kan;
  • VWS wil leren van voorbeelden en dilemma’s van organisaties, die vervolgens gelden als input voor het vormen van beleid.

Concreet benoemt Merel dat bevindingen zoals ‘veiligheid en toezicht versus kwaliteit van leven’ door de staatssecretaris van VWS zijn besproken met de vaste Kamercommissie.

Het unieke van het programma Waardigheid en trots is dat het een programma is waar alle stakeholders achter staan. Er is duidelijkheid over het gezamenlijke doel. Het eigenaarschap wordt gevoeld door VWS, en er is geleerd van andere programma’s.

Ondersteuning

Waardigheid en trots gaat uit van de behoefte aan regelruimte die organisaties hebben. Zorgorganisaties clusteren zich per thema, ruim 40 organisaties doen mee met het thema kwaliteit.

Zorgorganisaties worden ondersteund door een themacoördinator als vast aanspreekpunt. De themacoördinator maakt onderdeel uit van een supportteam met 2 VWS’ers en een lid van de Taskforce Waardigheid en trots. Vanuit de zaal worden een aantal vragen gesteld:

  • Er is één Wlz. Er spelen dezelfde thema’s in andere sectoren dan de verpleeghuiszorg. Hoe verbind je die sectoren met elkaar op het niveau van VWS, is er wellicht in andere sectoren al ruimte/goede ideeën aanwezig? Als voorbeeld wordt de gehandicaptenzorg genoemd.
    De themacoördinatoren zullen hiermee aan de slag gaan.
  • Wat is de relatie met de Algemene Maatregel van Bestuur?
    Merel benadrukt dat organisaties kunnen gaan doen wat is afgesproken de komende twee jaar. Na 2 jaar wordt bepaald wat werkt en wat niet. Maar ook tussentijds kijken we samen waar we staan. De eerste landelijke ‘tussenstand’ bijeenkomst is op juli 2016. Landelijke partijen die bezig zijn met het kwaliteitskader en instrumenten daarbij gaan leren van de ervaringen die worden opgedaan met kwaliteitsverantwoording
  • Er bestaat een gevaar dat er óf over twee jaar niets is gebeurd, of dat er een nieuwe blauwdruk wordt vastgesteld. Wat gaan wij doen om dit te voorkomen?
    Van belang is om niet te star vast te houden en te vertrouwen op elkaar. Alle betrokken partijen zoeken naar de balans tussen eenduidige verantwoording en optimaal aansluiten bij het perspectief van de cliënt.

Na de interactie met de zaal, licht themacoördinator Machteld Koopmans de rol van de themacoördinator toe. Deze is uitvoerig beschreven in de powerpoint-presentatie.

Introductie deelnemers

Deze groep bestaat uit 24 organisaties: Ariëns Zorgpalet, Zorggroep Crabbehoff, De Gouden Leeuw Groep, De Lange Wei, De Oude Pastorie, Florence, IJsselheem, Insula Dei Huize Kohlmann, Markenheem, Saxenburgh Groep, Sensire, Stichting de Leystroom, Stichting Humanitas Rotterdam, Stichting Interzorg Noord-Nederland, Stichting Maasduinen, Stichting Pieters en Bloklands Gasthuis, SZMK, Woonzorg Flevoland, ZorgAccent, Zorgfederatie Oldenzaal, Zorggroep Ter Weel en ZZG Zorggroep.

Groepsportret van Waardigheid en trots - Ruimte voor verpleeghuizen groep 1 thema kwaliteitsverantwoording

De aanwezige personen gaan in 8 groepen uiteen. Met elkaar wordt nagedacht over de vragen:

  • Wat is de kern en wat zijn de unieke kenmerken van jouw project?
  • Wat hoop je in de gezamenlijke bijeenkomsten te halen?
  • Wat beoog je te brengen?

In de plenaire afsluiting wordt vervolgens kort stilgestaan bij de opvallende zaken per groep. De uitwerking van de resultaten per groep worden door de themacoördinator bewaard en vormen input voor de vervolgafspraken met de individuele zorgorganisaties en plenaire vervolgbijeenkomsten.

Enkele zaken die in de plenaire terugkoppeling genoemd zijn:

  • Ieder gaat voor de cliënt die kan leven zoals hij/zij thuis kan
  • Mooi dat grote én kleine instellingen meedoen
  • Wens: vertrouwen van de maatschappij terugkrijgen
  • We delen wat we al ervaren hebben en zoeken naar kruisbestuiving: 1+1=3
  • Gezamenlijk: van systeemwereld naar normale leefwereld. Met de mensen die je om je heen hebt, die zijn belangrijk. Hoe ga je daarmee verder als je verhuist? Dat bindt alle instellingen.
  • Citaat lid cliëntenraad: ‘Stel mij op mijn gemak’.
  • Terug naar het basale. Ook in woorden en gekkigheden. Basis is: cliënt, informele zorg, professional.
  • Dialoog is belangrijk: wie ben je en hoe kunnen we het beste zorg invullen?
  • Verschil in hoe zelfsturend en zelforganiserende teams binnen organisaties al zijn. Interessant om te horen.
  • Overkoepelend staat de driehoek cliënt – professional – mantelzorger/vrijwilliger centraal.
  • Overeenkomst: zorgkantoor belemmert. Hoe verantwoorden naar externe stakeholders? Noodzakelijk om zorgkantoor te betrekken, om beweging op gang te brengen.
  • Brengen & halen: leren, ervaringen, inspiratie.
  • Bijzonder: andersom inregelen. Cliënt en familie volledig in de lead, ook als het gaat om budgetten. Daarvoor is een totale verandering/omslag nodig, ook in taalveld.
  • Onderscheid nodig in ‘inzicht in kwaliteit’ en ‘verantwoorden van kwaliteit’.

Vervolgafspraken

Organisaties hebben behoefte aan onderlinge verbinding: met wie kan ik maatjes zijn? Benadrukt wordt dat de themacoördinator daar een grote rol in heeft, hij/zij is een verbindingsmakelaar. Maar natuurlijk kunnen aanbieders ook zelf initiatief nemen. Dit gebeurt dan ook volop tijdens en na de bijeenkomst door het uitwisselen van elkaars contactgegevens.

De vervolgacties op deze startbijeenkomst:

  1. Alle deelnemers ontvangen een de deelnemerslijst aangevuld met emailadressen en een verslag van de bijeenkomst.
  2. De zorgorganisaties worden op korte termijn benaderd voor een startgesprek met de themacoördinator
  3. De instellingen krijgen toegang tot MyVox, een digitaal platform om kennis en ervaringen te delen.
  4. In 2016 wordt actief door de themacoördinatoren, in samenwerking met VWS en de stakeholders, ingezet op vervolgbijeenkomsten.

Meer weten


Geplaatst op: 10 december 2015
Laatst gewijzigd op: 1 april 2019