Kwaliteitsverbetering verpleeghuiszorg

Verslag bijeenkomst Themagroep Indicatiestelling

Op 7 september kwam de themagroep Indicatiestelling bij elkaar. De bijeenkomst start met een terugblik naar de bijeenkomst van 4 april 2016. Welke ontwikkelingen zijn er? Hoe gaat het nu met de onderwerpen die op 4 april aan bod kwamen?

Terugkoppeling bijeenkomst 4 april

  • Toegang cliënten langdurige GGZ tot Wlz
    Tijdens de bijeenkomst van 4 april kwam aan de orde dat de indicatiestelling voor deze groep cliënten lastig is. Want: wat is de primaire grondslag? Is dat somatiek of GGZ?
    VWS geeft een toelichting hierop: In december 2015 heeft Zorginstituut Nederland geadviseerd over de toegang langdurige GGZ tot de Wlz. Echter, er komt eerst een uitvoeringstoets voordat er een definitief besluit komt. De kamer wordt eind 2016 hier nader over geïnformeerd. VWS is nu in gesprek met het CIZ, mogelijk volgen er ook gesprekken met de NZa. VWS benadrukt: als GGZ met toegang tot WLZ aangepast wordt, dan betekent het dat de wet aangepast wordt. Dat duurt minimaal 1,5 jaar.
    Betekenis hiervan voor de themagroep: Bij GGZ –gevallen doen de zorgorganisaties de indicatie nu meestal regulier. Merel Gosens vraagt zich af of het toch niet via de verkorte procedure kan, i.s.m. CIZ. Colette (CIZ) adviseert: nee, er is nog veel onduidelijkheid. Dien ze voor nu maar regulier in, na volgend jaar kijken we verder.
  • Nieuwe procedure zorgkantoor.
    Ook de procedure voor het vaststellen van de  leveringsvorm is versneld. De Zorgkantoren zetten de indicatie nu ook rechtstreeks door en de aanbieder bepaalt zelf of zorg doelmatig en verantwoord geleverd kan worden volgens de leveringsvorm van voorkeur. Brenda vraagt of de zorgorganisaties daar iets van merken.
    Reactie van de groep: Sommige geven aan dat voorheen de inhoud van de indicatie te lezen was, nu niet meer. De vraag is of dit samenhangt met de verandering van procedure. Dit geldt voor alle indicaties, niet alleen voor de ERAI-indicaties.
    Sommige zorgorganisaties constateren dat de leveringsvorm van voorkeur niet door het zorgkantoor is gecommuniceerd. De organisaties moeten de aanvraag dan zelf omzetten naar de juiste leveringsvorm.
    CIZ geeft aan: Wij zetten de informatie van jullie 1 op 1 door aan het zorgkantoor.  Kennelijk gaat er iets mis in de lijn CIZ- Zorgkantoor – Zorgorganisatie. Het signaal wordt meegenomen tijdens het nog te plannen evaluatieoverleg. Advies om zelf contact te zoeken met het zorgkantoor als dit veelvuldig gebeurt.
    voordeel: er is een deel administratie weg gevallen.
  • MPT kon niet gekozen worden in Portero bij Verlenging Erai als leveringsvorm –> nu wel.
  • Als je het format uitdraait, staat naam aanvrager er niet op –> nu wel.
  • Ziektebeelden inlezen of niet? Je kunt niet voor ‘ nee’  kiezen. Dit is nog steeds een probleem. Het knopje “ Nee”  werkt nog niet. Dat betekent dat je de gegevens moet inlezen. Deze informatie over stoornissen en beperkingen is echter gedateerd, dus moet je het formulier leegmaken (want de geupdatete info stuur je immers mee in de bijlage). Onnodige handeling. Daarbij komt, dat de voorgeschiedenis er juist NIET instaat, en dat zou nog wel handig zijn.  Colette neemt dit signaal mee.
  • In format: Onderdeel Wettelijke voorzieningen. Is dit nu duidelijk voor iedereen?
    De vraag is of dit onderdeel relevant is. Want als er wel wettelijke voorliggende voorzieningen zouden zijn, doe je de aanvraag niet. CIZ wil deze vraag er graag in hebben als denkkader/om tot een goed besluit te komen. Bij palliatieve zorg en jeugdzorg is dit overigens wel van belang.  Brenda stelt voor om de vraag dan als 1e vraag op te nemen in het formulier en wellicht als ‘vinkje’. Dat vinden de deelnemers een goede oplossing. CIZ kijkt nog een keer naar de opzet van het formulier.
  • Rode vlaggen. Opella: Het is niet eerlijk dat je een rode vlag krijgt als het CIZ uiteindelijk wel jouw oordeel overneemt bij een regulier ingediende aanvraag. Brenda geeft aan dat de zorgorganisaties drie rollen hebben:
    • Bepalen of toegang tot Wlz gerechtvaardigd is
    • Welke zorgzwaarte er bij de cliënt past
    • Bovenstaande op een goede manier motiveren, zodanig dat het CIZ op papier vanuit deze beschrijving een oordeel kan vormen.

Je kunt dus als zorgorganisatie best het juiste oordeel hebben, maar het CIZ moet dat oordeel ook kunnen maken op basis van een goede beschrijving. Indiceren is mensenwerk. In het reguliere proces heeft het CIZ meer mogelijkheden voor onderzoek. En in sommige casussen is er meer informatie nodig dan op 2 A4 kan of goed op te schrijven is.  ZZP 4 is moeilijk te indiceren, zowel via de verkorte procedure als regulier.

Consequenties rode vlag

Hierop volgt de vraag: Wat zijn de consequenties van de rode vlag?

Antwoord:  Het zegt iets over de mate van betrouwbaarheid van de aanvragen, dat het CIZ ook direct op basis van de aangeleverde informatie ook tot hetzelfde besluit komt. En het kan helpen bij het bepalen van de ‘ Levels’ (zie verderop in verslag).  De deelnemers stellen voor om gradaties in te stellen: bijvoorbeeld een oranje vlag als de motivatie niet goed was, maar het oordeel wel.

Het CIZ benadrukt dat er niet alleen een rode vlag genoteerd wordt, maar ook de reden en de leerpunten. Dit wordt op een paar niveaus vastgelegd:

  • Format beoordeling:    Goed ingevuld
    • Onduidelijkheid over Grondslag, ziekte, aandoening, stoornis of beperkingen
    • Onduidelijkheid over Permanent toezicht, 24 uurs zorg nabij
    • Onduidelijkheid over blijvende zorgbehoefte
    • Format is niet overlegd
  • Format beoordeling
    • Geen aanspraak Wlz
    • Wel aanspraak Wlz
    • Niet te bepalen
  • Toetsing uitkomst    Conform
    • Niet conform, moet een ander ZP zijn
    • Niet conform, geen toegang Wlz
    • Niet voorgelegd
    • Niet te bepalen, advies regulier indienen
  • Controle achteraf
    • Conform afspraak bij toetsing
    • Niet conform afspraak bij toetsing

We kunnen zo bijhouden in hoeveel % van de gevallen nou extra onderzoek nodig is. En % is dan acceptabel? Daar kunnen we het dan over hebben.

Kantelpunten

De deelnemers geven aan dat zij graag meer inzicht willen hebben in de kantelpunten. Wanneer is er sprake van een profiel 4 of een 5? En het blijft mensenwerk, dus er zit ook een verschil in hoe de contactpersonen van het CIZ indiceren.  Colette geeft hierop aan dat de vakantieperiode bij het CIZ wat hectisch is geweest i.v.m. het onverwacht uitvallen van een collega.

De afspraak is: De zorgaanbieders houden hun eigen CIZ beoordelaar om zo een band op te bouwen en samen te werken naar een goed ingevuld format. De CIZ beoordelaars zitten alle 4 in Zwolle en hebben regelmatig contact met elkaar om zo uniform mogelijk de formats te beoordelen en terugkoppeling te geven.

Actie:  Het CIZ zal naar de indicatiewijzer van Vilente kijken waar ook de omslag punten (nog onder de AWBZ) in staan en of hier punten in staan die voor de groep bruikbaar zijn. Tevens zal Karin de opmerkingen vanuit dit overleg delen met de andere CIZ beoordelaars om nog uniformer te werken.

Terugkoppeling van het congres van 4 juli

Algemene reactie: Het was een drukke dag, maar ook heel inspirerend. Bekijk voor een overzicht van alle verslagen, foto’s en presentaties het verslag van het congres.

Brenda vertelt dat op 4 juli ook nieuwe organisaties hun plannen konden presenteren. Hieruit zijn ook 6 organisaties gekomen die nu gaan meedoen in deze themagroep. De nieuwe organisaties hebben op 15 september hun introductiebijeenkomst. Van deze 6 organisaties hebben er 4 samen een plan ingediend over indicaties eerstelijns verblijf.  De plannen van de andere 2 gaan over het terugdringen van administratieve lasten en het realiseren van een effectieve doorstroom.

Toelichting van CIZ over de ‘levels’

We hebben aan VWS het voorstel voorgelegd om levels te introduceren, waarmee het 4 –ogen principe vooraf naar achteraf verschuift. Je kunt als zorgorganisatie doorgroeien in 3 levels. VWS heeft dit voorstel goedgekeurd, dus we gaan ermee experimenteren.
Voor uitleg: zie de vergaderstukken.

Colette benadrukt dat de indicatie-werkwijze in principe hetzelfde blijft, alleen het contact met het CIZ wordt anders. Van vooraf het format te overleggen, naar achteraf.
Vragen van de deelnemers:

  • 40 aanvragen indienen is veel voor een kleine organisatie. Benadeel je die organisaties dan niet? Colette: 40 is om een paar redenen gekozen. Als eerste moet je regelmatig werken met deze werkwijze om het in de vingers te krijgen. Maar ook juist doorgroei naar een ander level en toch een paar “fouten” mogen maken kan alleen als je naar hoge aantallen kijkt, anders wordt je bij kleine aantallen al snel “gestraft”. Het is niet zo dat je die 40 aanvragen perse in 1 kwartaal hoeft te doen. Als je ze in een kwartaal niet haalt, tellen we door. Het kan dan alleen iets langer duren. Het gaat erom dat de organisatie ervaring heeft.
  • De kennis zit toch bij de indicatiesteller, niet bij de organisatie? Hoe wordt daarmee om gegaan? Colette: Ja, dat zijn allemaal vragen die we mee moeten nemen in de evaluatie.
  • Op 4 oktober zal Colette verder ingaan op de werkwijze m.b.t. de levels.

Meer weten

 


Geplaatst op: 3 oktober 2016
Laatst gewijzigd op: 3 oktober 2016