Kwaliteitsverbetering verpleeghuiszorg

‘Neem een zwarte wc-bril, geen witte’ en andere tips voor onbegrepen gedrag

Leden van de cliëntenraad zijn de stem van de bewoners. ‘We moeten deze leden koesteren en ervoor zorgen dat zij ook echt de stem van de bewoners kúnnen laten horen’, zei Martin van Rijn al tijdens de opening van het Cliëntenradencongres 2017. Ook de stem van mensen met dementie die onbegrepen gedrag vertonen, doet ertoe. ‘Om hun stem te begrijpen, is het goed als een cliëntenraad weet hoe een dement brein werkt’, vertelden Anneke van der Plaats en Erica van de Veerdonk van het BreinCollectief tijdens de afsluiting van het congres. Zij gaven uitleg over het brein en tips over wat wel en niet werkt bij de ondersteuning en zorg van mensen met dementie.

Hoe werkt het demente brein? ‘Als je dat begrijpt, kun je de zorg daarop aanpassen’, vertelt Van de Veerdonk. Het gedrag en welzijn van mensen met dementie wordt heel erg beïnvloed door hun omgeving. Zij kunnen zichzelf niet aanpassen, omdat zij beschadigde hersenen hebben waardoor zij onbegrepen gedrag vertonen. Daarom is het belangrijk dat de omgeving zich aanpast.

Omgevingszorg helpt tegen dementie

Functielagen breinHoe ga je om met dit onbegrepen gedrag? Hiervoor heeft het BreinCollectief het handelingsperspectief voor professionals en mantelzorgers ontwikkeld: de Brein Omgeving Methodiek (BOM). Bij een gezond brein zijn er vier functieniveaus:

  • Eerste niveau: ongerichte bewegingen en enkelvoudige prikkels, voorbeeld is de zuig- en grijpreflex bij baby’s.
  • Tweede niveau: belangrijke taak om binnenkomende prikkels af te weren en te ordenen, nodig om een beeld te krijgen van wat je ziet, hoort en voelt.
  • Derde niveau: emoties worden gekoppeld aan binnenkomende prikkels. De persoon weet nu wat hij voelt. Hij kan bedenken wat hij met de emoties wil gaan doen: ze uiten, ze binnenhouden of netjes reageren.
  • Vierde niveau: activiteit van de hogere hersenfuncties: bewust plannen en keuzes maken, verantwoordelijkheid nemen, besef van tijd en inzicht hebben.

Bij dementie zijn de twee hogere niveaus aangetast. Veel handelingen worden dan meer onbewust, reflexmatig en impulsief uitgevoerd. Angst (vaak onredelijke) speelt bij deze mensen een grote rol en deze wordt gauw omgezet in (ook onredelijke) agressie. Zij worden egocentrischer en verliezen zelfinzicht. Ingewikkelde taken begrijpen ze niet meer en ze worden overgevoelig voor kritiek. Ook emotionele stress vanuit de omgeving kan niet meer goed verwerkt worden. Iemand met een hersenbeschadiging kan zijn hersenen niet meer ‘managen’ en gaat dan reageren op niveau één of twee.

‘Hersenziektes zijn niet medisch te genezen dus is de enige mogelijkheid tot verlichting de zogenaamde omgevingszorg. Het zorgen voor een gunstige omgeving vermindert de gedragsproblemen en biedt de dementerenden een prettiger leven’, tipt Van der Plaats.

Meer tips van Anneke van der Plaats over goede omgevingszorg

De omgeving is veilig door geborgenheid en een prettige sfeer. Maak vooral geen haast. Werk niet te vlug en loop niet teveel heen en weer. Roep niet naar elkaar, pleeg niet teveel telefoontjes en laat piepers niet afgaan. Dwing ook de dementerende niet tot bepaald gedrag; dan ontstaat weerstand. Maak de omgeving herkenbaar. Veel dementerenden vinden het prettig als de inrichting enigszins ouderwets is. Meubels van vroeger, schemerlampen, schilderijen; het moet voelen als vroeger. Zeep uit een flacon is voor een dementerende vreemd, evenals papieren handdoekjes en melkpoeder uit een staafje. Waar mensen met dementie van houden is ritme en marsmuziek. Dat is heel rustgevend voor hersenfunctie één en twee.

Lees hier nog meer tips van Anneke Van der Plaats

BreinCollectiefNiet doen bij onbegrepen gedrag

Wat je vooral níet moet doen, vertelt Van der Plaats ook: ‘laat mensen met dementie niet falen. En lieg niet. Zeg niet dat moeder later wel belt, want ze belt niet meer.’ Als je dement wordt, raak je jouw laatste herinneringen kwijt. Wat er vroeger gebeurde, onthoud je wel. ‘Handig is daarom om een groot schoolschrift bij te houden met afspraken of gebeurtenissen’, tipt Van der Plaats. Dan kan bijvoorbeeld opgezocht worden waar het geld of de sleutels liggen. Omdat dementerende personen zo terug gaan naar vroeger, kunnen herinneringen van toen heel levendig worden. Bijvoorbeeld een herinnering aan brand. Misschien worden ze daarom heel onrustig als een kaarsje brandt. En de laatste tip van Van der Plaats: ‘Kijk straks in het verpleeghuis ook even of er op de toiletten een zwarte wc-bril zit. Een witte bril kennen ze niet van vroeger. Ze gaan daar dus niet makkelijk op zitten.’

Meer weten


Geplaatst op: 12 oktober 2017
Laatst gewijzigd op: 12 oktober 2017