Kwaliteitsverpleegkundige – nieuwe hype of blijvertje?

Kwaliteitsverpleegkundigen, medewerkers in opleiding tot kwaliteitsverpleegkundige, geïnteresseerden en bestuurders namen deel aan de sessie Kwaliteitsverpleegkundige – nieuwe hype of blijvertje? van het congres Thuis in het verpleeghuis, Waardigheid en trots op locatie. Deze sessie ging over het beeld wat mensen hebben over de kwaliteitsverpleegkundige. Elly van Haaren, onder meer scholingstrainer voor kwaliteitsverpleegkundigen, leidde de dialoog.

Van Haaren opende de sessie met de vraag over hoe de deelnemers naar de kwaliteitsverpleegkundigen kijken. Al snel werd duidelijk dat er niet dé kwaliteitsverpleegkundige bestaat. Deze rol is enorm in ontwikkeling. Zelfs binnen eenzelfde zorgorganisatie geven locaties hun eigen invulling aan deze functie. De een staat deels ingeroosterd en de ander komt geregeld op de werkvloer. En waar de ene kwaliteitsverpleegkundige een of twee teams onder haar hoede heeft, bewaakt de ander de kwaliteit in zorg bij meer dan 160 medewerkers verspreid over verschillende locaties.

Werkzaamheden

‘Wat doet een kwaliteitsverpleegkundige eigenlijk?’ was de volgende vraag van Van Haaren. De antwoorden van de deelnemers waren:

  • observeren en toetsen of medewerkers protocollen volgen;
  • het gesprek over kwaliteit aangaan;
  • het voorbeeld geven;
  • teams ondersteunen;
  • coachen in de praktijk;
  • scholing geven.

Van Haren vroeg aan de aanwezigen voor welk probleem een kwaliteitsverpleegkundige wordt aangesteld. De deelnemers vertelden wanneer de kwaliteitsverpleegkundige wordt ingeschakeld: zij legt verbinding tussen de lagen in de organisatie, is laagdrempelige ondersteuning voor de werkvloer, brengt processen op gang en zorgt voor borging. Maar de functie is ook een aantrekkelijke doorgroeimogelijkheid voor hbo-geschoolden.

Ondersteuning voor teams

Waarom zouden teammedewerkers blij zijn met een kwaliteitsverpleegkundige? Vraagt Van Haren. Bijvoorbeeld als zij de taak op zich neemt om de huisarts te bellen bij een ingewikkelde zorgvraag, reageert een deelnemer. Al kan de valkuil ontstaan dat de verzorgende deze taak dan laat liggen. Of als de onderlinge verhoudingen binnen een familie complex zijn. Ondersteuning van de kwaliteitsverpleegkundige is dan fijn.

Afbakenen

‘Ondersteuning is goed’, stelt Van Haaren, ‘maar het gevaar bestaat dat alles met het etiket kwaliteit bij de kwaliteitsverpleegkundige wordt gelegd. Het team heeft de gezamenlijke verantwoordelijk voor de kwaliteit. Blijf je dus afvragen of het werk bij jouw functie hoort en wees bij collega’s en samenwerkingspartners heel duidelijk over wie wat doet. Dus bij het onvoldoende functioneren van een teamlid, observeer en signaleer je dat, maar je gaat niet het gesprek aan, wat dat is niet jouw taak. Net zo goed als dat je wel ondersteunt, maar niet de scholing geeft.’

Hbo of mbo?

Er ontstaat een gesprek over het niveau, is een kwaliteitsverpleegkundige een hbo- of mbo-functie? Er volgt een stellig ‘hbo’ antwoord. Toch is er ook iemand die dit een mbo-functie vindt. Dan moet er wel sprake zijn van extra scholing en de inhoud van de functie moet duidelijk omschreven staan, zodat je weet wat er van je verwacht wordt. Van Haaren is er zelf ook nog niet uit welk niveau de kwaliteitsverpleegkundige moet hebben.

Verpleegkundige of functionaris?

De gespreksleider zoomt in op het verschil tussen de kwaliteitsfunctionaris, die beleidsfunctionaris is, en de kwaliteitsverpleegkundige die zich bezighoudt met onder meer de vertaling en implementatie van (landelijk) beleid in praktijk en projecten. Van Haaren: ‘Je moet goed nadenken over de rol van de kwaliteitsverpleegkundige. Niet alleen om te voorkomen dat zij in een beleidsmatige rol komt, maar ook in haar relatie met de verpleegkundige. Zij is de coach van de vakvrouw.’

Meewerken of niet?

Het kwam al eerder aan de orde, sommige kwaliteitsverpleegkundige zijn (deels) ingeroosterd, andere niet. Wat is beter? De reacties zijn verdeeld.
Niet meewerken, want dan ben je minder een onderdeel van het team en heb je een beter overzicht van wat er speelt. Als je niet bent ingeroosterd, heb je meer vrijheid om te bepalen waar en wanneer extra aandacht nodig is. Wel meewerken, want je houdt verbinding met de teamleden en je kunt het goede voorbeeld geven. Als teamlid krijg je gemakkelijker alle neuzen dezelfde kant op.
Maar uiteindelijk is het vooral de organisatie die dit door de invulling van de functie bepaalt.

Hype of blijvertje?

Of de kwaliteitsverpleegkundige een hype of een blijvertje is, blijkt ongewis. De ene aanwezige kwaliteitsverpleegkundige ziet zichzelf als een blijvertje, de ander ziet zoveel veranderen, dat inzet van een kwaliteitsverpleegkundige nodig blijft. Sommigen weten het niet. Het belangrijkste is dat teams kwaliteit leveren. ‘In feite zou je jezelf als kwaliteitsverpleegkundige overbodig moeten maken. Want als de kwaliteit op orde is, is de kwaliteitsmedewerker overbodig. Maar dat maakt deze functie niet tot een hype’, besluit Elly van Haaren de bijeenkomst. De aanwezigen hebben voldoende om over na te denken en dat is precies de bedoeling van deze sessie: Het maakt niet echt uit hoe de invulling van de functie is, als je er maar over nadenkt wat je wilt en hoe je het wilt doen.

Verslag door Inge Heuff

Meer weten


Geplaatst op: 18 juli 2018
Laatst gewijzigd op: 18 juli 2018