Niet alleen de zorg, ook het Kwaliteitskader kan altijd beter

Het verbeteren van de kwaliteit van zorg, dat is het uiteindelijk doel van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. Maar zoals de zorg steeds in ontwikkeling is, is het kader zelf dat ook. ‘Want het kan altijd beter. Daarom horen we heel graag hoe u er tegenaan kijkt en ons helpt om dit kader te verbeteren’, opent Hans Buijing de workshop die hij verzorgt met Gerrold Verhoeks.

Hans Buijing is bestuurder van brancheorganisatie ZorgthuisNL en lid van de Stuurgroep Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. Gerrold Verhoeks is adviseur en sinds begin 2018 onafhankelijk voorzitter van deze stuurgroep. Of aanwezigen het kwaliteitskader kennen? Ja, dat ligt voor de hand, lijken de aanwezigen te denken. Maar wat ze er van vinden, wat hun ervaring ermee is? Die vraag is meteen moeilijker te beantwoorden. ‘Omvangrijk’, stelt een beleidsadviseur bondig vast. ‘Ik kan er wel iets mee’, vervolgt ze, ‘maar goed hanteerbaar is toch iets anders.’ Het maakt in ieder geval veel uit in welke mate sprake is van een kwaliteitscultuur binnen een organisatie, stelt deze adviseur. Zo heeft de ene organisatie bijvoorbeeld al een sterk lerend netwerk, waar een andere organisatie dat nog moeten opbouwen. Het kader kan daarin wel ondersteunend zijn en is ook buiten de ouderenzorg goed bruikbaar. ‘Want de rode draad is toch: van hiërarchisch ingericht naar een lerende organisatie’, vat de beleidsadviseur het wederom kort samen.

Workshop-kwaliteitskader-verpleeghuiszorg-verbeteren-HansBuijing-en-GerroldVerhoeks-aan-het-woord

‘Te veel tekst om mee te kunnen nemen naar je team’

Een manager in de zaal vindt dat het kwaliteitskader ‘te veel tekst bevat om mee te kunnen nemen naar je team’. Een vertaalslag is nodig om het praktisch werkbaar te maken, zegt zij. Toch is het kwaliteitskader in principe voor alle medewerkers bedoeld. ‘Maar we merken dat het vooral verspreid is onder bestuurders en beleidsmedewerkers. Bij mensen op de werkvloer is het veel minder bekend’, zegt Hans Buijing. Eigenlijk is dat maar ten dele waar, reageert een van de aanwezigen. ‘Neem persoonsgerichte zorg, dat thema is helemaal hot. Dus op onderdelen is het kwaliteitskader wel degelijk op de werkvloer geland.’ Toch geldt over het algemeen dat medewerkers te weinig geprikkeld worden er meer van te willen weten, lijkt de breed gedeelde opvatting. ‘Wat moet er dan gebeuren om het wel op die werkvloer te krijgen’, wil Hans Buijing graag weten. Meer tijd krijgen om er over te praten, is een even eenvoudig als ingewikkeld advies. ‘Richt je op degenen die vooroplopen, zodat zij het verder op de werkvloer kunnen verspreiden’, klinkt het aanvullend.

‘Wij hebben er ons eigen verhaal van gemaakt’

Is het wel nodig dat de term kwaliteitskader valt, vraagt iemand zich af. ‘Wij hebben de randvoorwaarden op managementniveau vertaald naar de eigen organisatie; we hebben er ons eigen verhaal van gemaakt en mensen daarin getraind. En daar reflecteren wij op. Nu doen we dat nog op beleidsniveau, maar straks gaan we dat ook met de medewerkers doen: hoe zien zij het en hoe willen zij de zorg verbeteren.’

Goed praten en doorpraten met medewerkers is een voorwaarde voor meer kwaliteit van zorg, merkt iemand anders op. ‘Anders krijg je het personeel niet mee in het doorvoeren van veranderingen.’

Zijn er ook organisaties die het kwaliteitskader op de plank hebben gelegd, wil Hans Buijing weten. Nee, dat niet. ‘Dat je niets doet aan kwaliteit, lijkt me heel vreemd. Wij zouden als organisatie waarschijnlijk wel hetzelfde hebben gedaan, ook zonder kader. Het is niet een hele nieuwe beweging die je in gang zet, maar het kader biedt wel nieuwe aandachtspunten’, luidt een reactie. Op de vraag welke belemmeringen organisaties ervaren om het kwaliteitskader zelf in te vullen, reageert een vertegenwoordigster van een cliëntenraad fel: ‘Ik wil graag gevraagd worden om mee te denken, maar bij ons gebeurt dat niet.’ Bij een andere organisatie juist weer wel: ‘Bij ons gebeurt dat tot op het niveau van de lokale cliëntenraden. Die worden bovendien gefaciliteerd in het onderling uitwisselen van informatie.’

Workshop-kwaliteitskader-verpleeghuiszorg-verbeteren-met-HansBuijing-en-GerroldVerhoeks-flipboard

‘Elke deur van de cliënt is de voordeur van de cliënt’

Wat vervolgens tot veel discussie leidt, is het nieuwe Kwaliteitskader Wijkverpleging. Kern van de kritiek: waarom twee gescheiden kaders? Of, zoals een beleidsadviseur opmerkt: ‘Ik zou liever één integraal kader zien, zodat ik alle spelers in de ouderenzorg bij elkaar heb. Dan kun je bij de invulling ervan ook samen gaan zitten.’ Die gedachte past bovendien in het streven de overgang van huis naar het verpleeghuis veel soepeler te laten verlopen. Een verpleeghuis hoort ook een plaats te zijn waar je als zorgprofessional te gast bent bij de bewoner, zoals dat in de thuiszorg heel normaal gevonden wordt. ‘Elke deur van de cliënt is de voordeur van de cliënt’, stelt Hans Buijing, al wordt dat op veel plekken nog lang niet zo ervaren. Evenmin is de wijze waarop veel thuiszorg organisaties de zelfredzaamheid van mensen proberen te versterken, intramuraal gemeengoed. Volgens meerdere aanwezigen onderstreept dat alleen maar de noodzaak van één gemeenschappelijk kader. ‘Dan ga je ook allemaal dezelfde taal spreken.’

‘Bewegen we wel richting de stip op de horizon?’

Als Hans Buijing na een uur discussie de balans opmaakt, stelt hij vast dat de nadruk tot nu toe te veel heeft gelegen op normen en geld. En er nog te weinig aandacht is geweest voor de implementatie van het kwaliteitskader. Dat vraagt ook om een cultuurverandering die tijd vergt en aandacht voor het gedrag van medewerkers. ‘Onze stuurgroep heeft de opdracht de implementatie vooruit te helpen, samen met de medewerkers in het veld’, zegt hij. Daarbij is het belangrijk dat de stuurgroep op koers blijft, vult Gerrold Verhoeks aan. ‘De vraag luidt: bewegen we wel richting de stip op de horizon?’ De workshop levert wat dat betreft een serie mooie adviezen voor de stuurgroep op, met als top drie: meer bekendheid geven aan het kwaliteitskader, aandacht voor cultuur en gedrag en het beter organiseren van feedback. De stuurgroep zal blij mee zijn met deze feedback uit de workshop.

Door: Karin Burhenne

Wil jij weten of je voldoet aan het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg? En of jouw organisatie goed op weg is met de implementatie? Meld je dan aan voor het programma Waardigheid en trots op locatie.

Wat levert deelname aan ‘Waardigheid en trots op locatie’ op?

  • bruikbare informatie voor het kwaliteitsplan en voor de leer­ en verbeterparagraaf van het kwaliteitsverslag;
  • input voor de jaarplannen en jaarverslagen;
  • resultaten die te gebruiken zijn bij de inkoop en het contracteren van zorg.

Liever eerst nog meer informatie? Neem dan contact op met één van onze deelnemers.

Meer informatie


Geplaatst op: 21 augustus 2019
Laatst gewijzigd op: 22 augustus 2019