Integrale zorg in eerste lijn voor kwetsbare ouderen: kans voor verpleeghuis?

Integrale zorg in de eerste lijn voor kwetsbare ouderen: een kans voor het verpleeghuis? Dat was de titel van de workshop gewijd aan de samenwerking van specialisten ouderengeneeskunde (SO) en de eerste lijn. Bekijk hier de presentatie. Aan het einde van de workshop leken deelnemers het er over eens: het antwoord is ja. Het is goed als deze specialisten zich meer buiten het verpleeghuis begeven, luidde het unanieme oordeel. Beter nog, zo opperde een deelnemer, is om het denken in intramuraal en extramuraal te schrappen. Lees het verslag van hun workshop tijdens het congres Thuis in het Verpleeghuis, Waardigheid en trots op elke locatie van 2 juli 2018.

Daar waren de workshopleiders Wanda Rietkerk en Lisa Bennink het mee eens. Beiden zijn zelf SO. Daarnaast doet Wanda Rietkerk als promovendus onderzoek aan het UMC Groningen naar zorg voor ouderen in de eerste lijn. Lisa Bennink is naast SO ook filosoof en deed onderzoek voor zorgverzekeraar Menzis naar de toekomst van de zorg voor thuiswonende kwetsbare ouderen. Misschien geen duo dat je meteen verwacht op een congres over verpleeghuiszorg constateerden ze zelf. “Toch denken wij dat het goed is om samen te kijken naar dat traject voorafgaand aan de verhuizing naar het verpleeghuis. Want daarin zien we soms schrijnende situaties die de vraag oproepen: wat hadden we kunnen doen om dit te voorkomen? En welke rol kunnen specialisten ouderengeneeskunde daarin vervullen?”, zei Lisa Bennink. Die vraag is van maatschappelijk belang, zeker nu steeds meer ouderen steeds langer thuis wonen. De behoefte aan experts op het gebied van de ouderenzorg in de eerste lijn neemt daardoor toe.

Preventief aanpakken

Maar wie de zorg anders wil organiseren, moet zichzelf eerst de vraag stellen wat kwetsbaarheid inhoudt. Zo is in het Nationaal Programma Ouderenzorg geprobeerd om mensen te screenen op kwetsbaarheid en de groep in beeld te brengen waarvoor proactieve zorg of preventie zinnig zou zijn. ”Dat is een hele heterogene groep. Leeftijd is geen maatstaf voor kwetsbaarheid. En het is misschien ook beter om kwetsbaarheid niet alleen medisch te benaderen, zoals nu vaak gebeurt. We kunnen beter de omslag maken naar gezond ouder worden.” Daarbij is het wel belangrijk om eerder te anticiperen op eventuele problemen en niet pas in actie te komen “als iemand al door het ijs is gezakt”. Dat vraagt om een andere manier van werken, waarbij de gezondheidscentra onder de noemer Oak Street Health in de Verenigde Staten mogelijk als voorbeeld kunnen dienen. Lisa Bennink deed hier onderzoek naar op basis van de literatuur en gesprekken met de medisch directeur G. Myers. De centra zijn succesvol in het voorkomen van ziekenhuisopnames. Het geld dat hiermee wordt uitgespaard, gaat terug naar de eerste lijn en wordt ingezet om in gesprek te blijven met de patiënt. De centra zetten zich in voor het behoud van functioneren en proberen eventuele problemen vroegtijdig te signaleren. Verder zijn de centra een voorbeeld van goede netwerkzorg; er is veel aandacht voor de coördinatie van zorg en de samenwerking in teams.

Specialist ouderengeneeskunde kan veel betekenen voor oudere in huisartspraktijk

Proactieve zorg loont

In eigen land liep Lisa Bennink mee met een ambulance en bezocht ze huisartspraktijken en voorbeelden van alternatieve dagbesteding en een inloophuis voor mensen met dementie. Haar conclusie: in een aantal gevallen had in overleg met SO de gang naar het ziekenhuis voorkomen kunnen worden. Ook kan de samenwerking van deze specialisten en huisartsen worden uitgebreid. En voorzieningen die mensen samenbrengen en eenzaamheid tegengaan, voorzien duidelijk in een behoefte. Ofwel: proactieve zorg loont. Het is dus belangrijk om de doelgroep te identificeren en de samenwerking van SO, huisartsen en andere experts in te bedden en te financieren. Dat sluit ook aan bij wat die oudere zelf graag wil en nodig heeft, zo blijkt uit onderzoek van Wanda Rietkerk. “Die oudere wil namelijk graag als een mens gezien worden en niet als een klacht. En dat vraagt om een holistische, integrale en interdisciplinaire benadering.” Een praktijkondersteuner ouderenzorg, zoals meerdere huisartsenpraktijken hebben, is al een belangrijke stap in de goede richting, zei Wanda Rietkerk. Om de samenwerking van huisarts met de SO te bevorderen, is het belangrijk dat ze elkaar weten te vinden en dezelfde taal spreken. En het vereist goede afspraken met de zorgverzekeraar en een goed financieel fundament.

Brug vormen

Een andere meer diepgaande samenwerking van huisarts en SO heeft nog een ander voordeel. “Door aansluiting te creëren sla je een brug naar het verpleeghuis. Dat draagt bij aan een warmer welkom als iemand naar het verpleeghuis verhuist. Dus: moeten we als specialist ouderengeneeskunde naar buiten?”, vroeg Wanda Rietkerk. Ja, was het breed gedeelde oordeel in de zaal. En het gebeurt ook al op verschillende plaatsen op innovatieve wijze, zo bleek uit de reacties. Daarbij is het belangrijk dat professionals elkaar leren kennen en dezelfde taal spreken. En dat zij oog hebben voor de behoeften van mensen.  Het helpt daarbij als de muren tussen intramuraal en extramuraal verdwijnen, was de conclusie. En daarmee eindigde deze workshop met een mooie opdracht voor de beleidsmakers en de politiek: regel integrale zorg.

Verslag Karin Burhenne

Meer weten

Geplaatst op: 17 juli 2018
Laatst gewijzigd op: 29 juli 2019