Verslag HRD-Netwerkbijeenkomst 13 juni

HR(D)- en opleidingsmanagers verzamelden zich dinsdag 13 juni om samen verder te komen met hun personeelsopgaven in het licht van het nieuwe Kwaliteitskader. Eén van de speerpunten in het programma Waardigheid en trots is het investeren in de deskundigheid van professionals en het geven van meer ruimte aan die professionals. Er zijn methoden die verpleeghuizen kunnen ondersteunen om tot de juiste samenstelling en deskundigheid van personeel te komen. Een hiervan wordt in de bijeenkomst uitgelicht. Ook werpen de deelnemers een abstractere blik op hun personele uitdaging aan de hand van de innovatieve regionale benadering die onder meer in Zeeland en Rotterdam momenteel gestalte krijgt.

Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg

Joyce Theunissen, thema-coördinator bij Waardigheid en trots, leidt de ochtend in en vertelt de deelnemers het een en ander over het landelijke congres op 3 en 4 juli. Daarna wordt het webinar van Jan Kremer getoond. Kremer is voorzitter van de Kwaliteitsraad en medeverantwoordelijk voor het opstellen van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. In het webinar geeft Kremer het Kwaliteitskader in een paar minuten een heldere context.

Lees het webinar over het Kwaliteitskader van Jan Kremer, voorzitter kwaliteitsraad Zorginstituut Nederland

‘Goed om zo de structuur en gedachtengang achter het Kwaliteitskader toegelicht te krijgen,’ reageert een van de deelnemers. ‘De intentie is duidelijk. Het Kwaliteitskader zelf komt minder lean over. Dat lijkt bol te staan van eisen en verplichtingen. Het is een goede stap maar nu komt de echte opgave: hoe ga je nu vervolgens verbeteren en leren? Dat vraagt echt nog veel aandacht. Hoe gaan we dat nu in de organisatie beleggen? En wat kan je vanuit HRD-perspectief?’

Belangrijk is dat verpleeghuizen aan enkele verplichtingen zullen moeten voldoen: een jaarlijks kwaliteitsverslag voor zorgkantoren, een kwaliteitsplan en een kwaliteitsmanagementsysteem maken hier onderdeel van uit. De vorm is niet per se strict: ‘Ga in gesprek met het zorgkantoor en de inspectie als je je eigen aanpak wil vasthouden. Deze instanties zijn bereid tot gesprek en denken mee. Joyce Theunisse wijst die het publiek op het uitgebreide vraag-en-antwoord-overzicht dat onderdeel is van het webinar en is terug te vinden op de website van Waardigheid en trots.

Kwaliteit Verbetercyclus

Het tweede deel van de ochtend wordt ingevuld door Maartje van Trigt, adviseur Waardigheid en trots, die de aanpak ‘Kwaliteit Verbetercyclus’ toelichtte.

De Kwaliteit Verbetercyclus is een voorbeeld van een methodiek om als organisatie vorm en inhoud te geven aan het leren en verbeteren van kwaliteit, zoals het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg beoogt. De methodiek helpt teams op een praktische manier inzicht te krijgen in wat kwaliteit van zorg en leven voor de verschillende betrokkenen inhoudt: clienten, medewerkers, vrijwilligers, behandelaars en naasten bijvoorbeeld. Op basis van deze inzichten kunnen teams verbeteracties in gang zetten, implementeren en monitoren. Mooi van de aanpak is dat teams zelf eigenaar worden van het verbeterproces. Dit sluit daarmee aan bij de beweging naar zelforganisatie die veel verpleeghuizen hebben ingezet.

De Kwaliteit Verbetercyclus bestaat uit de volgende instrumenten:

  • Verbetermeting 360 graden evaluatie
  • Verbeterdialoog
  • Verbeterapp
  • Team Dashboard Kwaliteit (in ontwikkeling)

Maartje van Trigt neemt de tijd om elk van de instrumenten toe te lichten en vragen van deelnemers te beantwoorden. Bekijk de presentatie van Maartje van Trigt over de Kwaliteit Verbetercyclus.

Verbetermeting 360 graden evaluatie

De Kwaliteit verbetercyclus start met inzicht in de ervaren kwaliteit. Vandaar de Verbetermeting 360 graden evaluatie. Vragen die bij voorkeur door het team zijn geselecteerd worden
voorgelegd aan medewerkers, cliënten, behandelaren, mantelzorgers et cetera. De vragen zijn goed te beoordelen door het gebruik van smileys. Verschillen in ervaringen zijn interessant en geven ruimte om naar verbeteringen te kijken. Cliënten werken er doorgaans graag aan mee: ‘Het is ook een contactmomentje. Veel bewoners vinden het gezellig om mee te doen,’ merkte Van Trigt. En cliënten met dementie? Maartje van Trigt ziet bij projecten bij zware zorg-verleners teams op inventieve manier oplossingen vinden om ervaren kwaliteit te inventariseren. Hoe reageert een cliënt bijvoorbeeld op een bepaalde activiteit? Ook dat geeft houvast.

Verbeterdialoog

Wat zijn de belangrijkste uitkomsten? Waarin scoren we het beste? Waar zitten de grootste verschillen? Door een dialoog hierover voorkom je verbeteringen die niet aansluiten op het probleem. Van Trigt geeft het voorbeeld van een negatief oordeel over maaltijden. ‘De kok kreeg het uiteraard meteen benauwd,’ vertelt ze. Maar in gesprek bleek dat het niet zat in de kwaliteit van de bereide maaltijd, maar in de sfeer: cliënten vonden de maaltijden ongezellig. De oplossing? Een kleedje op tafel, een medewerker die mee-eet met de groep. ‘Zo klein kan het zijn’, benadrukt Van Trigt de kansen die er liggen. Het advies is om daar mee te beginnen, binnen de eigen invloed, en dan uit te bouwen.

HRD Netwerkbijeenkomst 13 juniVerbeterapp

De verbeterapp die onderdeel is van de methode bestaat al langer. Er zijn verschillende organisaties die werken met de applicatie, onder meer vanwege de mogelijkheid om vragen toe te voegen als je dat als team wilt. De gedachte is een top drie van aspecten met de app verder uit te werken. Van Trigt: ‘De Verbetermeting 360 graden maakt dat je vanuit alle perspectieven input krijgt. Vervolgens selecteer je de top drie om mee verder te gaan. En de app is dan vervolgens makkelijk te introduceren en gebruiken.’ De Verbeterapp geeft de mogelijkheid om vragen zelf in te richten, zodat ze aansluiten bij lopende projecten en er kunnen specifieke vragen voor de organisatie worden toegevoegd.

Aan de slag

Wil je zelf als organisatie met de methodiek gaan werken, dan kan je gebruik maken van wat er aan ervaringen en informatie is binnen Waardigheid en trots. De implementatie moet echter wel zelf bekostigd worden, tenzij uw organisatie meedoet als kwaliteitstraject binnen Waardigheid en trots, dan wordt de implementatie ondersteund en zijn er alleen applicatiekosten nadat het traject is afgelopen.

Goed werkende WiFi is wel een vereiste. Dat klinkt eenvoudig maar is het niet in elk verpleeghuis, leert de ervaring. Ook het kunnen inplannen van teamsessies is een eis om zinvol deze methode in te kunnen zetten. En de resultaten van de nulmeting en de verbeteracties uit de verbeterapp? Als team kan je ervoor kiezen die op te hangen in een teamkamer, lekker concreet. Laat dat aan het team want ieder team is anders.

‘Hoe verhoudt de 360 graden-meting zich tot bestaand onderzoek zoals medewerker- en cliënttevredenheidsonderzoek? Is dat niet wat veel?’, vraagt een van de deelnemers. ‘Het uitgangspunt is dat deze dan komen te vervallen’, antwoordt Van Trigt. ‘Daarom zijn wij in overleg met de inspectie en VWS. Die zijn enthousiast. Ook zorgverzekeraars weten ervan. Hun standpunt is dat organisaties zelf hun keuze legitimeren hoe ze ervaren kwaliteit meten en werken in lijn met het Kwaliteitskader.

In vijf fases gaat een organisatie door de methodiek heen. In de verkenningsfase komt men tot een vorm van contractering. In fase 2 wordt een en ander voorbereid. Bijvoorbeeld: wil men rollen vastleggen of laten ontstaan? Beide kan maar moet wel geregeld zijn voor de echte start. In de startfase zie je dat iemand opstaat, de lead neemt. In de fase van leren en verbeteren kan je ontdekken dat een team zich nog niet klaar voelt. Het advies: ga het gewoon eens doen. Wat lukt er niet? Ook dat bespreken hoort bij leren en verbeteren. In de laatste fase is het zaak de verandering te borgen.

Dashboard: nieuwe toevoeging aan de methodiek

Het team van Waardigheid en trots ontwikkelt met Verenso en V&VN een dashboard dat de indicatoren samenbrengt: feitelijke kwaliteit en ervaren kwaliteit. Het dashboard brengt beide perspectieven samen. De verwachting is om na zomer het dashboard concreet vorm te gaan geven. Het zal in ieder geval op team- én organisatieniveau ingericht kunnen worden, de data worden extern gehost en het dashboard zal op basis van licentiekosten aangeschaft kunnen worden.

Innovatieve regionale initiatieven

Jan Verschuren, adviseur Arbeidsmarktvraagstukken VWS, neemt het stokje over van Maartje van Trigt voor het derde en laatste deel van de bijeenkomst. Verschuren vertelt: ‘In het nieuwe arbeidsmarktbeleid wordt gezocht naar integrale en regionale oplossingen. Tegelijkertijd gaat het om de juiste randvoorwaarden die binnen de sector nodig zijn om de professionaliteit van het huidige personeel verder te ontwikkelen, zoals goed personeelsbeleid, nieuw personeel een goed beeld geven van de complexe zorg in het verpleeghuis en het verkrijgen van meer toegespitste regionale kennis over de arbeidsmarkt voor ouderenzorg zodat er regionale afspraken kunnen worden gemaakt.’

Verschuren deelt met het publiek een aantal ideeen die onder meer voortkomen uit het traject ‘Zeeuwse praktijkroute ouderenzorg’ en vergelijkbare initiatieven in Rotterdam en Groningen. Gemeenschappelijk zijn de principes van het verbinden van bestaande initiatieven en het adagium dat regionaal boven instellingsperspectief gaat. De regio is gebaseerd op het verzorgingsgebied van het zorgkantoor zodat er eenduidige commitment is vanuit deze stakeholder. De basis bestaat uit de vier hoofdrolspelers: opleidingsinstellingen, de ouderenzorgorganisaties, de regionale werkgeversorganisatie en het zorgkantoor als financier.

Legio ideeën en oplossingen zijn ontstaan uit deze regionale integrale benadering: leergemeenschappen in instellingen bijvoorbeeld met realtime casuistiek, docenten die op locatie zitten in plaats van op school, een regionaal maatwerk-curriculum, baangarantie, niet meer in ‘laagjes’ opleiden maar per team, rondom een cliënt. ‘Over de rand gaan’, zegt Verschuren over deze vernieuwende voorstellen, ‘en regelruimte zoeken. Als bijvoorbeeld een ROC niet aansluit kan je het misschien zelf doen.’

Het betoog van Verschuren wordt enthousiast ontvangen door de deelnemers van de bijeenkomst. Ook de zorgkantoren staan in de startblokken en willen volgend jaar – of misschien zelfs al eerder – starten met 17 extra regio’s.

Een van de deelnemers vraagt of en hoe de ideeen gedeeld worden tussen de regio’s. ‘Is het terug te lezen?’ Daar lijkt nog geen heldere structuur voor. Het ophalen en delen van de voorbeelden wordt momenteel wel uitgewerkt. Verschuren verwijst daarbij ook naar de website van waardigheid en trots. Aan de andere kant : ‘Op welk moment is een idee concreet en geslaagd en deelbaar?’ Verschuren wijst op het belang van de afspraken met contactpersonen bij OCW en VWS die snel kunnen schakelen als het voor het verder brengen van de ideeen in de regio nodig is. ‘Ontwikkelingen gaan zo snel. Als je het vastlegt is het vaak al achterhaald. Zijn advies is: Ga aan de slag! Wil je hierbij geholpen worden? Neem dan contact met me op of met Joyce Theunissen,’ sluit Jan Verschuren zijn bijdrage af.

Tot slot wijst Joyce Theunissen de deelnemers op de netwerkbijeenkomst die in het najaar zal plaatsvinden. Het onderwerp lerende netwerken zal op de agenda staan met hopelijk voorbeelden.

Aansluiten bij lerende netwerken?

Een organisatie in Amsterdam is op zoek naar gesprekspartners om van gedachten te wisselen over leren bij kleinschalig wonen, hoe HBO-ers betrokken kunnen worden en tot hun recht komen in een verpleeghuis. Heb je belangstelling, meld je bij Joyce en ze brengt je in contact met hen.

Een team van Waardigheid en trots kijkt verder naar de mogelijkheden om een mix&match-platform in te richten voor lerende netwerken voor organisaties die op zoek zijn naar partners om mee te leren.

Meer weten?


Geplaatst op: 7 juli 2017
Laatst gewijzigd op: 1 april 2019