Ronnie van Diemen neemt leren als uitgangspunt: “Wat doen jullie in de geest van de wet?”

“Als ik denk aan kwetsbaarheid en wat dat vraagt van professionals moet ik denken aan Joost. Van hem heb ik een heel belangrijke les geleerd. Ik was Ggz-bestuurder, hij zat in de Cliëntenraad. Soms zag ik situaties van wanorde en verwaarlozing waarbij ik dacht ‘Moeten we hier nu niet ingrijpen?’. Maar Joost zei dan: ‘Probeer het niet te veroordelen, denk vanuit herstel. Wij hebben die ruimte nodig om te zijn wie we zijn’. Die woorden zijn me mijn hele verdere loopbaan bijgebleven.”

Aan het woord is inspecteur-generaal Ronnie van Diemen. Ze is te gast bij het Atlant-congres over dilemma’s bij de zorg aan mensen met het syndroom van Korsakov. ‘Wat we doen en wellicht niet mag’, staat er op het programmaboekje. De inspecteur in het hol van de leeuw? Kennelijk voelt ze dat niet zo, want Van Diemen benadrukt de autonomie van de zorgmedewerkers. “Júllie zijn de professionals, straal kracht uit,” zegt ze tot twee maal toe. “Vraag je af wat zinnig is en wat onzinnig, bespreek het. Regels zijn niet zaligmakend. Elke dag de keukenkastjes uitsoppen lijkt me bizar.”

Rapport op de mat

Ze schetst hoe haar organisatie zich ontwikkelt in lijn met wat er gaande is in zorg en samenleving. De afgelopen decennia hebben zorgverleners, brancheverenigingen en beroepsgroepen ingezet op het ontwikkelen van richtlijnen, regels, kwaliteitssystemen. Dit vanuit de gedachte dat eenheid van handelen door middel van systemen het gedrag beïnvloedt. Dat heeft zeker effect gehad op het leren. Echter, in vele sectoren is het de afgelopen jaren doorgeschoten en wordt verantwoording afleggen met behulp van indicatoren en lijstjes ervaren als bureaucratie die los staat van de werkelijkheid van de dagelijkse zorgverlening.

“Tot voor kort verliepen de bezoeken en het gesprek na afloop best goed, ook in de ogen van de instelling. Tot het moment dat het rapport op de mat viel. Dat ging vooral uit van wat er níet goed ging.” Volop herkenning in de zaal.

“Maar dat is nu anders. Onze bezoeken zijn observerend, wij kijken over jullie schouders mee naar de dagelijkse zorgverlening. Op deze wijze houden wij instellingen een spiegel voor over wat we echt in de praktijk zien. Kijk bijvoorbeeld naar het spanningsveld tussen persoonsgerichte zorg en veiligheid. Hoe neem je met elkaar verantwoordelijkheid en hoe verantwoord je je? Welke ruimte bied je aan bewoners, hoe bespreek je dat bijvoorbeeld met de familie? In onze rapporten zijn we waarderend over wat we vaststellen, zowel over wat goed gaat, wat beter kan en wat beter moet. Kijk maar op onze website, daar staan ze. Geef ons ook feedback, graag zelfs. Als ik een rapport over een Korsakov-locatie pak, lees ik ‘gepassioneerde organisatie’ en ‘reflecteert’. Maar alleen de incidenten en calamiteiten halen de krant. Incidenten zijn onvermijdbaar. De essentie is dat je erover praat en ervan leert.”

Uit: Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg
Dit kwaliteitskader legt de nadruk op leren als basis voor kwaliteitsverbetering. Betere kwaliteit van verpleeghuiszorg is immers gebaat bij een stimulerende benadering, net vertrouwen in de betrokkenheid, trots en kracht van zorgverleners en met respect voor de lokale en persoonlijke context.

Er mag geleerd worden

De inspecteur-generaal noemt de eisen op waaraan goede zorg moet voldoen: veilig, effectief en zorgzaam. “Maar in de eerste plaats moet goede zorg een antwoord zijn op de behoefte van de patiënt. En de instelling moet goed geleid worden, met voldoende ruimte voor ontwikkeling van de medewerkers. Alleen bestuurders die goed weten wat er leeft in de organisatie zijn succesvol. Instellingen die sturen op spreadsheets en kwaliteitsindicatoren, gaan onderuit.” Stijgende personeelstekorten en een daardoor steeds hoger oplopende werkdruk noemt Van Diemen als een groot punt van zorg. “Want het gaat ten koste van de aandacht voor aandacht.”

Ze benadrukt het belang van samen in openheid en verbinding blijven leren en verbeteren. “Dat is ook het belangrijkste uitgangspunt van het Kwaliteitskader Verpleeghuiszorg. ‘Er mag geleerd worden’, is het principe. Dat gaat uit van de praktijk van alledag in de zorg. Houd dat vast, dat is heel belangrijk. Want we willen met elkaar naar een zorg die een kwaliteit van leven biedt, die je je eigen familie en naasten gunt.”

Verslag door Linda van Ingen

Meer weten


Geplaatst op: 2 mei 2018
Laatst gewijzigd op: 17 mei 2018