Nicole Zwaga: ‘De specialist ouderengeneeskunde heeft specifieke kennis die wij als huisartsen niet hebben’

Door de dubbele vergrijzing en extramuralisering neemt de behoefte aan betaalbare en kwalitatief hoogstaande (extramurale) behandeling toe. Goudenhart – WelThuis is van mening dat zij, vanuit haar complete, integrale intramurale aanbod, verpleeg(huis)zorg op verschillende plaatsen kan aanbieden. Dus ook thuis, in de eigen woning van de cliënt. Gevolg van deze visie is dat WelThuis werkt volgens het model ‘Huisarts in the lead’. Bij dit model gaat het om normaliseren van zorg, ook als mensen geclusterd of kleinschalig wonen in de wijk. Dat betekent dat de huisarts als eerste aanspreekpunt blijft, maar de specialist ouderengeneeskunde (SO) kan inschakelen op het moment dat dit nodig is. Dit vraagt om een goede samenwerking tussen huisarts en SO. In een blogserie vertellen verschillende betrokkenen over hoe deze samenwerking in de praktijk vorm krijgt. Deze vijfde blog is van Nicole Zwaga, huisarts in huisartspraktijk Zwaga & Sum, gezondheidscentrum de Watertoren in Zoetermeer.

‘Mijn eerste reactie als huisarts op de contractafspraken voor inzet van de specialist ouderengeneeskunde in de eerste lijn was positief. Het is sinds kort mogelijk  om een specialist ouderengeneeskunde in te zetten voor een huisbezoek aan een kwetsbare oudere in de thuissituatie, maar dat is ad hoc. Het is goed dat die inzet nu structureel is geregeld zodat je in teamverband met vaste mensen kunt werken. Je kent dan elkaar en elkaars expertise. En voor ons als huisartsen heeft die inzet echt meerwaarde, want de specialist ouderengeneeskunde heeft meer tijd dan wij om te bezien hoe de zelfredzaamheid van een thuiswonende kwetsbare oudere het best kan worden behouden, en heeft specifieke kennis over de vraag welke middelen en/of personen hiervoor kunnen worden ingezet.’

Wat houdt het contract in?
Met een groep van 52 huisartsen van de Stichting Georganiseerde eerstelijns Zorg is een overeenkomst bereikt voor de inzet van de specialist ouderengeneeskunde voor 1.500 uur op jaarbasis (ten laste van de subsidieregeling extramurale behandeling).

‘Het valt mij op hoe lang het geeft geduurd voordat deze stap werd gezet. Toen van overheidswege het beleid werd ingezet de capaciteit aan verzorgingshuisplaatsen af te bouwen en de indicaties voor verpleeghuiszorg aan te scherpen, kon je al zien aankomen tot wat voor gevolgen dit zou leiden. Het lag voor de hand dat kwetsbare ouderen in de thuissituatie meer hulp nodig zouden hebben om dat thuis wonen op verantwoorde wijze vorm te geven, en dat het de thuiszorg aan menskracht ontbrak om hieraan invulling te geven. Dat zich dan acute situaties zouden gaan voordoen was onvermijdelijk. Die zijn ook niet uitgebleven, ik heb zelf ook beslist vaker dan voorheen mensen naar de afdeling spoedeisende hulp van het ziekenhuis moeten insturen. Dat had met eerdere aandacht en juiste directe zorg  voor de toenemende kwetsbaarheid van deze mensen wellicht voorkomen kunnen worden.  Met name in situaties waarin eerdere inzet van zorg escalatie had kunnen voorkomen.’

‘Of de specialist ouderengeneeskunde deze situatie geheel kan keren, weet ik niet. In ieder geval heeft die wel inzicht in de vormen van ondersteuning die kunnen worden ingezet om de situatie thuis langer op verantwoorde wijze te kunnen laten voortbestaan. Ook zorgt hij voor een vangnet, bijvoorbeeld door voor één dag in de week dagbesteding te regelen, zodat de mantelzorger even op adem kan komen. En hij kan worden ingeschakeld als sprake is van een spoedsituatie, en ze weten dan waar op dat moment een plaats beschikbaar is. Dit voorkomt dat de huisarts op vrijdagmiddag om half vijf stad en land moet afbellen om zo’n plaats te zoeken. Over de taakverdeling tussen de specialist ouderengeneeskunde en de huisarts hoeft wat mij betreft geen discussie te bestaan. Ik zie het meer als samenwerking dan als gescheiden pijlers. Er moeten natuurlijk wel samenwerkingsafspraken gemaakt worden, maar over de invulling daarvan hoeven we niet al te rigide te zijn.’

Als huisartsen zijn we heel goed in staat om in de gaten te houden hoezeer het gedrag van een oudere in de loop der jaren verandert, dat is het grote voordeel van de langjarige relatie die we met onze patiënten hebben. De specialist ouderengeneeskunde kan dan weer helpen om te waarborgen dat de specifieke hulp wordt geboden die een oudere op dat moment in zijn leven nodig heeft.’

‘Tegelijkertijd denk ik toch wel dat de lacune die is ontstaan door het verdwijnen van de verzorgingshuizen weer op de een of andere manier zal worden opgevuld. Misschien in de vorm van kleinschalige appartementen waarvoor ze zelf de huur betalen en waarin de zorg op afroep beschikbaar is. Ik hoor regelmatig ouderen aangeven daaraan behoefte te hebben. Nu moet vaak de wal het schip keren.’

Meer weten

Geplaatst op: 21 november 2017
Laatst gewijzigd op: 9 oktober 2019