Midden-Brabant pakt arbeidsproblematiek in ouderenzorg aan

Alsof ze hier al jaren werkt, zo lijkt het wel. Laura Riepe, Helpende Plus in opleiding, voelt zich helemaal thuis op de afdeling Jasmijn van zorgorganisatie Volckaert in het Brabantse Dongen. Deze afdeling voor mensen met dementie is sinds januari haar werkplek. ‘Ik wist vanaf dag één: hier hoor ik huis. Ik ga een dag in de week naar school en daarnaast werk ik hier tot 24 uur per week. Ik vind het fantastisch’.

De 43-jarige Laura Riepe is een zij-instromer, zoals dat heet. Jarenlang was ze administratief medewerkster, totdat er onvoldoende werk voor haar was. ‘Maar thuis zitten is niet mijn ding’, vertelt ze. Daarom pakte ze van alles aan en volgde ze een cursus bij het UWV om te onderzoeken welke mogelijkheden ze nog meer had. ‘Leren omdenken dus. Jij moet de zorg ingaan, zeiden mijn mede-cursisten. Dat sprak mij inderdaad aan. Bovendien was ik echt gemotiveerd om iets heel anders te gaan doen’. Dat kwam goed uit, want de ouderenzorg in Midden-Brabant is dezer dagen op zoek naar mensen zoals Laura Riepe die als zij-instromer in de zorg aan de slag willen gaan. Zo staat het ook in het convenant dat in het najaar van 2017 in deze regio werd ondertekend door veertien zorginstellingen, het hbo- en mbo-onderwijs, twee werkgeversorganisaties en zorgkantoor VGZ*. Een convenant dat naadloos aansluit bij het actieprogramma Werken in de zorg van het ministerie van VWS.

Arbeidsproblematiek

In het convenant hebben partijen afgesproken om samen de arbeidsproblematiek in de ouderenzorg in de regio aan te pakken. De insteek: voldoende én goed opgeleide zorgmedewerkers die zorg van hoge kwaliteit kunnen verlenen aan ouderen, thuis of in een verpleeghuis. De ministeries van VWS en OCW zijn nauw betrokken bij dit plan, dat rust op vier pijlers: het aantrekken van nieuwe studenten en medewerkers, het behoud van de huidige medewerkers, het verbeteren van het imago van de zorg en meer zij-instromers. Dat is hard nodig, want de regio kampt met veel openstaande vacatures voor zowel verzorgenden als verpleegkundigen. ‘En als je minder mensen op de werkvloer hebt, kun je weer minder mensen opleiden. In de aanloop naar het convenant gaven de onderwijsinstellingen ook aan dat sprake was van een tekort aan stage- en opleidingsplaatsen. Daarom hebben we afgesproken de komende jaren significant meer mensen op te leiden en veel meer opleidings- en stageplaatsen op alle niveaus te creëren. Inmiddels is dat zo goed gelukt, dat we niet alle opleidings- en stageplaatsen gevuld krijgen’, zegt Marloes van der Poel van de Zorgacademie: een netwerkorganisatie van zorgorganisaties, onderwijsinstellingen en de overheid in Midden-Brabant die zich inspant voor een toekomstbestendige zorgsector.

Marlous van Os, Transvorm
‘Als we zij-instromers willen aantrekken, vergt dat een meer flexibele manier van opleiden, zoals korter en sneller opleiden.’

Anders opleiden

‘Partijen spraken verder af om mensen ook anders op te gaan leiden’, vertelt Marlous van Os van Transvorm, een samenwerkingsverband van werkgevers in de sector zorg en welzijn voor Noord-Brabant. Daarom investeert Midden-Brabant in de uitbreiding van het aantal innovatieve leerafdelingen bij zorginstellingen, de Zorginnovatiecentra (ZIC) en in Zorginnovatienetwerken (ZIN). Deze bereiden de toekomstige zorgprofessionals in een goed leerklimaat voor op de nieuwe beroepspraktijk. Daarnaast bieden ze een grotere opleidingscapaciteit door de concentratie van begeleiding, coaching en innovatie. Tegelijkertijd proberen de samenwerkende partijen meer zij-instromers te werven, ook om de beschikbare opleidingsplaatsen te kunnen benutten. ‘Maar als we zij-instromers willen aantrekken, vergt dat een meer flexibele manier van opleiden, zoals korter en sneller opleiden. Belangrijk is verder om de verworven vaardigheden van kandidaten te erkennen, want dan kun je mensen eerder inzetten. Voor zij-instromers is dat belangrijk, want die willen niet altijd een lang leertraject in’, zegt Marlous van Os. De groep van zij-instromers wordt bovendien steeds breder, van mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt en statushouders, tot mensen die van beroep willen switchen en werkzoekenden.

marlous van os

Zorgoriëntatieprogramma

Voor deze brede groep werd in de regio een zorgoriëntatieprogramma ontwikkeld, bedoeld om mensen te informeren over het werken in de zorg. Zij krijgen de kans om te onderzoeken of de zorg bij hen past en of ze geschikt en gemotiveerd zijn. Het programma begint met de workshop ‘maak werk van jezelf in zorg en welzijn’, gericht op de complete zorgsector. Kandidaten die verder willen, kunnen na de workshop deelnemen aan oriëntatie-activiteiten in de zorg. Zo willen partijen bevorderen dat mensen bewust kiezen voor een opleiding in de zorg en, als zij dat uiteindelijk niet zien zitten, al in de oriëntatiefase een andere weg inslaan. Laura Riepe: ‘Het UWV wees mij op de workshop, die ik met 35 mensen heb gevolgd. Daarvan hebben uiteindelijk 11 mensen voor de zorg gekozen.’ Zelf was ze zo enthousiast, dat ze zich meteen aanmeldde voor de vernieuwde opleiding tot Helpende Plus: hierin wordt zorg en welzijn gecombineerd en is medicatieverstrekking opgenomen. Marlous van Os: ‘Wij werken nauw samen met het UWV, ook om te bevorderen dat mensen realistische informatie krijgen over het werken in de zorg.’ Kandidaten voor de workshop komen onder andere binnen via het UWV, gemeenten, werkgevers en medewerkers in de zorg. Deelnemers die na de workshop besluiten om niet in de zorg verder te gaan, hebben daar verschillende redenen voor, weten ze bij Transvorm en de Zorgacademie. Hen lijkt het werk bijvoorbeeld te zwaar, ze vinden de opleiding te lang duren, of weten niet hoe ze onregelmatige werktijden met hun gezin moeten combineren.

Laura Riepe, zij-instromer bij Volckaert
‘Wat ik op school leer, kan ik de dag erna meteen toepassen in de praktijk.’

In de praktijk

Wie wel een opleiding gaat volgen, krijgt op de locatie een werk- en praktijkbegeleider. Zo werkt Laura Riepe bij Volckaert, een organisatie die alle vormen van ouderenzorg biedt in Oosterhout en Dongen. Lies de Laat is haar praktijkbegeleider. ‘Ik ondersteun haar, loop soms een dag mee en volg of Laura op schema zit. Als er problemen zijn, bespreken we die samen met de werkbegeleider op de werkvloer.’ Laura Riepe is vanaf dag één enthousiast over de opleiding. ‘In het begin vroeg ik me wel af of ik het zou kunnen en hoe ik het zou vinden om te werken met mensen met dementie. Maar dat gaat dus heel goed en ik heb nergens moeite mee. Ik draai natuurlijk al jaren mee in mijn gezin. Die levenservaring neem ik mee en alledaagse handelingen hoef je mij niet te leren. Voor iemand van 17 jaar is dat toch anders.’ De combinatie van school en praktijkdagen vindt ze ideaal. ‘Wat ik op school leer, kan ik de dag erna meteen toepassen in de praktijk. Hierna wil ik nog graag naar het niveau van IG verzorgende niveau 3. Ik denk wel eens, had ik deze stap maar eerder gezet.’

laura en lies

Resultaten

De samenwerking in de regio levert een betere afstemming op tussen onderwijs en praktijk. Marlous van Os: ‘Dit zien we ook terug in het extra aantal stageplaatsen die werkgevers beschikbaar stellen. Partijen zijn in beweging gekomen. Ze kijken creatiever naar hoe ze de opleiding kunnen vormgeven, er zijn meer opleidings- en stageplekken en meer zij-instromers. Maar we zijn er nog niet. Ik denk dat de flexibiliteit van de opleidingen en werkgevers nog verder vergroot kan worden om meer ruimte te creëren voor jongeren en zij-instromers. Ik denk ook dat we eerder verworven competenties zwaarder kunnen laten wegen en onderwijs meer in de praktijk kunnen organiseren. In een nieuwe opleiding die in september start bij het ROC Tilburg worden deze aspecten meegenomen. We zijn dus nog volop in ontwikkeling en blijven met elkaar experimenteren.’

*Betrokken organisaties: Schakelring, Thebe, De Wever, Volckaert, Maasduinen, Het Laar, Amaliazorg, ’t Heem, Huize st. Franciscus, Maria Oord, Home Instead, Woonlandschap Leyhoeve, Actiefzorg, CCC Zorg Midden-Brabant, Transvorm, De Zorgacademie Midden-Brabant, ROC Tilburg, Fontys Hogeschool en Avans Hogeschool 

Door: Karin Burhenne

Meer weten


Geplaatst op: 7 augustus 2018
Laatst gewijzigd op: 19 februari 2019