Student Linda in gesprek met verpleegkundige Corrie: ‘Het uitgangspunt is dat we van elkaar leren’

Een veilige omgeving waarin studenten én medewerkers vragen kunnen stellen en zich kunnen ontwikkelen: in een LIN (leer- en innovatienetwerk) is dat heel gewoon. En dat leidt tot mooie resultaten. Corrie Kreijmborg, verpleegkundige en begeleider, en Linda Gankema, student hbo-v, in gesprek.

Zeg Linda, hoe is het om als student te leren in de praktijk?

Linda: “Ontzettend leuk. Natuurlijk leren we ook veel op school, we oefenen allerlei handelingen. In de praktijk leer je diezelfde handelingen uit te voeren bij de cliënt. En dan blijkt er nog zoveel meer omheen te spelen.”

Corrie: Het is echt compleet anders hè?

“Neem katheteriseren. De ene cliënt vindt dat eng, een ander heeft pijn. Dat laat die pop op school allemaal niet merken. Pas in de praktijk kun je zeggen ‘ik kan het’. En omdat we boventallig zijn, kijkt er altijd iemand mee. Totdat die begeleider zegt dat je het alleen mag doen. Maar word jij soms niet gek van al die stagiaires om je heen, Corrie?”

Helemaal niet! Ik vind het heel prettig, die extra ondersteuning op de woning. Het geeft mij de mogelijkheid dingen op te pakken waar ik anders nauwelijks tijd voor heb. Zoals een keer iets individueel met een cliënt doen. Of de zorgkaarten bijwerken. Dat zijn A4’tjes waarop staat wat er in de dagelijkse zorg moet gebeuren. Heel handig voor uitzendkrachten en beginnende stagiaires. Maar dan moeten de zorgkaarten wel up-to-date zijn.

“Ik voelde me al snel een collega”

“Er staat bijvoorbeeld op of iemand diabetes heeft en met welke lift hij uit bed wordt gehaald. Heel fijn als je dat al weet.”

En aan het eind van de stage vragen we de stagiaires om de zorgkaarten in te vullen. Dan kennen ze de bewoners zo goed!

“Geen minpuntjes dus aan een LIN?”

Nou, misschien dat de bewoners aan het begin van een nieuwe stageperiode wat onrustiger zijn, als ze jullie nog niet kennen. Al die jonge meiden! Maar dat draait snel bij. En de administratieve rompslomp is best groot. We moeten veel beoordelingsformulieren invullen en ondertekenen. Ik vraag me wel eens af of dat nodig is. Voor de rest ben ik heel blij met jullie! Ook omdat jullie nieuwe inzichten meenemen van de opleiding. Daar leren wij weer van. Soms zijn het hele kleine dingen. Zoals het ontsmetten van het dopje van de katheterzak bij het wisselen. Dat deden wij niet. Een stagiaire wees ons daarop en dat nemen we dan over. Omdat het net weer wat meer bescherming biedt tegen eventuele infecties. Durven jullie dat soort dingen eigenlijk wel tegen ons te zeggen?

Linda

“Als jullie echt een fout maken, vind ik het wel lastig. Als het gaat om een handeling die op meerdere manieren kan worden uitgevoerd niet. Dan ben ik gewoon benieuwd waarom jullie voor die manier kiezen. Maar het ligt er ook wel een beetje aan wie ik voor me heb. Dat is een persoonlijk dingetje, ik ben best onzeker. Hier in het LIN vind ik het wel makkelijker. Het uitgangspunt is dat we van elkaar leren. Jullie zijn er dus al op voorbereid dat wij met dingen komen. Jullie staan daarvoor open.”

We proberen hier een veilige omgeving te creëren.

“Ik voelde me ook al snel een collega. Dat is bij andere stages heel anders.”

Jullie zijn ook mee geweest op bewonersvakantie, een midweek naar Lunteren. Dat doen we één keer per jaar. Dan leer je de bewoners, de collega’s en familieleden zo goed kennen. Zouden we eigenlijk aan het begin van elke stageperiode moeten doen.

“Heel goed ook voor de band met de familie. Het contact was daarna veel vanzelfsprekender.”

“Studenten nemen nieuwe inzichten mee uit de opleiding. Daar leren wij weer van”

De familie kon soms een beetje mopperen over jullie. ‘Zitten die meiden van het LIN weer bij elkaar’, hoorde ik dan. Maar een familielid ziet alleen momentopnames. Als ze net binnenkomen als ik even een whatsappje stuur dat ik wat later thuis ben, kunnen ze ook denken dat ik altijd op mijn mobiel zit. Misschien zijn de studenten net bezig aan een opdracht. Ondertussen wilde de bewoonster die altijd graag dezelfde mensen om zich heen heeft na de vakantie alleen nog maar door de meiden van het LIN naar bed worden gebracht. Zaten er voor jou eigenlijk mindere kanten aan het LIN, Linda?

“Voor mij was de balans een aandachtspunt. Voordat ik het wist, deed ik – naast mijn schoolopdrachten – mee aan allerlei projecten met medewerkers. Van alle stagiaires was ik de enige derdejaars, dus dingen kwamen snel naar mij toe. Toen moest ik grenzen stellen. Ik heb een paar projecten gekozen en me daar volledig voor ingezet. Het was mij bijvoorbeeld opgevallen dat niet elke bewoner een tandenborstel heeft. Hoe zorg je dan voor goede mondhygiëne? Dat heb ik samen met de aandachtsvelder mondhygiëne opgepakt. We hebben een presentatie gegeven en een quizje gemaakt, met vragen over de bewoners. Zoals: heeft deze mevrouw een prothese of haar eigen gebit? Voor de bewustwording. Nu zie ik overal tandenborstels liggen.”

En we hebben onderzoek gedaan naar het gebruik van vochtige washandjes bij bewoners die angstig zijn voor water en niet van douchen houden. Mensen met dementie begrijpen al die nattigheid vaak niet meer. Daar kwam uit dat wassen met vochtige washandjes veel minder prikkels geeft.

“Pas in de praktijk kun je zeggen ‘ik kan het’”

“Of het project voor partners van bewoners die wat jonger zijn. Zo’n partner is op relatief jonge leeftijd opeens alleen. Wij zijn gaan kijken hoe we die partners kunnen opvangen, het wat draaglijker kunnen maken. Dat onderzoek loopt nog. Of het snoezelbad, dat we met de stagiaires weer nieuw leven hebben ingeblazen. Bewoners vinden dat heerlijk. En prompt viel het een zoon op dat zijn vader zo ontspannen was. Deze zomer waren er geen studenten en werd het snoezelbad gelijk weer minder gebruikt.”

Als je alleen op een woning staat heb je daar gewoon geen tijd voor. Daarom voegt een LIN zoveel toe. Ook voor de bewoners. Er is meer ruimte voor individuele zorg, die aandacht is er volop. In de zomermaanden missen de bewoners dat echt.

“Soms hoef je alleen maar bij iemand te zitten, zonder iets te zeggen.”

corrie

Ook daarom is het zo belangrijk dat jullie boventallig zijn! Met de huidige arbeidsmarktproblematiek is het verleidelijk om jullie alleen op de groep te zetten. Daar moeten we voor waken.

“Behalve als we het zelf willen.”

Natuurlijk, maar het moet vanuit jullie komen. Ik vind het goed dat het LIN jullie de kans biedt te mógen leren. En vertrouwen op te bouwen, totdat jullie er klaar voor zijn. Zeker met eerstejaars moet je zo voorzichtig zijn. Die hebben nog nooit iemand bloot gezien of die zich bevuild heeft. Ze hebben nog nooit iemand gewassen of een overlijden meegemaakt.

“Tijdens mijn stage was er een eerstejaars die het zo eng vond allemaal. Ze wilde stoppen met de opleiding. Maar aan het eind van haar stage keek ze er heel anders naar. Ze vond het een fantastische plek en ging toch verder. Dankzij de veilige omgeving van het LIN. Hier mag je het zeggen als je ergens mee zit of als een bewoner lelijk tegen je heeft gedaan. Dat wordt goed opgevangen.”

“Ik miste de bewoners direct toen mijn stage was afgelopen”

Ik ben zo blij dat jij voor de ouderenzorg kiest, Linda!

“Haha, wie weet! Ik wil in ieder geval verder in de langdurige zorg. Ik houd van het opbouwen van een band en dat je steeds meer kunt bereiken. Dat bewoners je herkennen en blij zijn om je weer te zien. Ik miste ze direct toen mijn stage was afgelopen. Zij ons ook, meerdere bewoners moesten huilen toen wij afscheid namen op onze laatste stagedag. Ook met de andere 2 stagiaires op mijn woning ben ik heel close geworden, terwijl ik ze daarvoor nog niet kende. Dat komt echt door de setting van het LIN.”

Aan het eind van de stageperiode zijn we met elkaar – medewerkers en studenten – naar de Toppers gegaan. Dat zegt toch genoeg?

Linda Gankema (21) zit nu in haar vierde jaar van de opleiding hbo-v van hogeschool Inholland. Het afgelopen schooljaar liep ze 30 weken, 32 uur per week, stage bij Zonnehuis Westwijk op de LIN-afdeling op de tweede etage. Elke woning heeft 2 à 3 studenten, uit alle leerjaren. Linda werkt er nu nog steeds als flexer. De stage die ze daarvoor deed was toevallig ook in een LIN, bij Evean in de thuiszorg. Al haar andere stages waren ‘normale’ stages.
Corrie Kreijmborg (57) werkt al 40 jaar in de zorg. En – met een tussenpoos van 3 jaar in de wijkverpleging – altijd met mensen met dementie. Ze leerde voor bejaardenverzorgster, later voor verzorgende IG en rondde 5 jaar geleden alsnog de opleiding voor verpleegkundige af. Bij Zonnehuisgroep Amstelland is ze EVV’er van een woning en zorgoudste. Haar pg-afdeling kleinschalig wonen op de tweede etage van Zonnehuis Westwijk in Amstelveen is een leer- en innovatienetwerk (LIN). In een LIN werken studenten hbo-v – die boventallig op de afdeling aanwezig zijn – samen met de verzorgenden en verpleegkundigen aan de kwaliteit van zorg.

Door: Ingrid Brons

Meer weten

Dit artikel is onderdeel van het e-magazine Doen!
Hogeschool Inholland, Zonnehuisgroep Amstelland en De Wever hebben samen het e-magazine ‘Doen! Leren in de praktijk van de verpleeghuiszorg’ ontwikkeld. Het magazine laat zien hoe studenten en medewerkers van elkaar kunnen leren, om zo de beste zorg aan de bewoners te geven. Maar biedt ook  inspiratie voor andere zorgorganisaties en onderwijsinstellingen, om ook aan de slag te gaan met leren in de praktijk van de verpleeghuiszorg!


Geplaatst op: 4 december 2018
Laatst gewijzigd op: 4 december 2018