Context-gebonden invulling landelijke norm personeelssamenstelling bij Rumah Kita (Zinzia)

Verdeeld over 5 locaties bieden 900 medewerkers en 500 vrijwilligers van Zinzia ondersteuning aan mensen met dementie en/of lichamelijke klachten. De geschiedenis van Zinzia loopt terug tot 1898, toen koningin-moeder Emma besloot dat haar koninklijke residentie in Wageningen een sanatorium voor longpatiënten moest worden. Sindsdien is het landgoed Oranje Nassau’s Oord een zorglocatie. Na een fusie in 2009 tussen diverse de verpleeghuizen ontstond Zinzia Zorggroep. Eén van die toenmalige fusiepartners was Stichting Rumah Kita. Rumah Kita is in 1958 opgericht onder de naam stichting Dennenrust en speciaal bedoeld voor ouderen uit voormalig Nederlands-Indië. Het huidige Rumah Kita staat sinds 10 jaar dichtbij het centrum van Wageningen.

Verpleeghuizen hebben de ruimte om lokaal en context-gebonden invulling te geven aan de landelijke normen personeelssamenstelling van het Kwaliteitskader. Immers, alleen met maatwerk kunnen organisatie en zorgverleners de zorg en ondersteuning écht laten aansluiten op wat individuele bewoners willen en nodig hebben. In een serie praktijkvoorbeelden laten we zien hoe verschillende verpleeghuizen met hun personeelssamenstelling de zorg zo optimaal mogelijk afstemmen op de zorgvraag, wensen en behoeften van hun cliënten. Het praktijkverhaal van Rumah Kita (Zinzia) is onderdeel van deze serie.

Wie wonen er?

‘De 160 bewoners van Rumah Kita hebben allen een Indisch of Molukse band’, zo geeft Mark Kuilder, locatiemanager aan. De Indisch-Molukse cultuur en gewoonten zijn richtinggevend voor hun leven. Daar is Rumah Kita op ingericht. Bij binnenkomst is er een ‘Warm Welkom’, loungeruimte/café. Passend bij de Moluks/Indische cultuur is het warm, sfeervol ingericht. Ook ruikt men de geur van Indisch eten. Het is er dynamisch, gericht op het samenzijn van bewoners met familie en anderen; allerhande menselijke interacties die belangrijk zijn in het leven van de bewoners.

In de appartementen wonen mensen alleen of met partner. Op de eerste drie verdiepingen wonen de mensen relatief zelfstandig, met ADL ondersteuning, in een eigen appartement. De begeleiding en verzorging is passend bij een ZZP indicatie vanaf ZZP 5. Op iedere verdieping is  een gezamenlijke multifunctionele ruimte. Op de 4e verdieping zijn 15 appartementen voor mensen met een geronto psychiatrische achtergrond. Daarnaast zijn er 10 kleinschalige woonlocaties, waar 6 mensen samen leven, koken en eten. Passend bij de zorgvraag kunnen mensen binnen Rumah Kita verhuizen van de ene naar de andere woonvorm.

De dagindeling is divers, aangepast op het ritme van de bewoners. ‘De band met familie is heel belangrijk hier, je bent hier bij je moeder, niet bij  Rumah Kita’, aldus Mark Kuilder. Vanuit de Indisch-Molukse cultuur is er veel aandacht voor de maaltijden. In het restaurant vindt dagelijks de ‘kumpulan makan’ plaats. Er staat dan een verse, zelfbereide Indonesische maaltijd op tafel. Ook familieleden en ouderen uit de buurt zijn daar welkom. Er zijn veel welzijnsactiviteiten: muziek activiteiten, creatieve workshops, kerkelijke activiteiten, culturele avonden en spelletjes. Die vinden plaats op de afdeling of in de woonkamers, groepsgewijs of individueel. Er is een toko, bewoners kunnen gebruik maken van een wasservice, kapsalon, schoonheidsspecialist en Pitjit massage.

‘En we hebben de jaarlijkse Pasar Malam, die is heel geliefd, het trekt veel bezoekers, elke keer wel een paar 1000 mensen’.

Wie werken hier?

‘Relatief ook veel mensen van Indisch-Molukse komaf, ongeveer 20-25%. Onze medewerkers hebben een heel gevarieerde afkomst, je valt hier niet op als je een hoofddoek draagt of een niet oer-Hollands uiterlijk hebt’. Ook de opleidingsniveaus variëren. Er zijn woonzorgbegeleiders, helpenden, helpenden plus, verzorgenden, medewerkers welzijn, verpleegkundigen, EVV-ers (die hier cliëntondersteuners heten). Ook zijn er verpleegkundig specialisten ouderenzorg. Zij fungeren als spin in het web en vervullen een coachende rol’. Er is een multidisciplinaire samenwerking met behandelaars, zoals de SO, ergotherapeut en fysiotherapeut.

‘Dat multidisciplinaire samenwerken stáát, daar hebben we recentelijk nog een mooie bevestiging voor gekregen via de externe audit die we jaarlijks laten doen’, aldus Mark Kuilder.

Veel van de bewoners hebben regelmatig familiebezoek. Dat zorgt voor dynamiek en nabijheid. De betrokkenheid van familie bij de zorg is groot. ‘Dat komt mede door de zogenaamde “woongesprekken” die we hier eens per 8 weken voeren. Dan bespreken we met elkaar (zorgteam, vrijwilligers en familieleden) hoe het loopt en wat we daar met elkaar van vinden’. De actieve betrokkenheid zorgt ervoor dat mensen een gezamenlijke verantwoordelijkheid voelen. Dat voert verder dan alleen aandacht voor hun eigen familielid. ‘Heel anders dan toen we familiebijeenkomsten hadden waarin ze vertelden hoe het ging en daarop een reactie vroegen. Nu gaan we echt in gesprek met elkaar. In plaats van ‘moeder drinkt te weinig, wat gaan jullie eraan doen?’ gaat het gesprek over ‘hoe zorgen we er met elkaar voor dat álle bewoners in de zomer voldoende drinken?’’. Zo is ook een eigen initiatief ontstaan vanuit familieleden om in drukke tijden een handje mee te helpen. ‘De vraag kwam of wij als organisatie actief wilden aangeven wanneer de formatie (te) krap dreigt te worden, zodat familieleden daar rekening mee kunnen houden’. Dat doen ze nu door ofwel mee te helpen, ofwel op andere tijdstippen te komen. ‘Die betrokkenheid ontstaat vanuit gelijkwaardigheid en nabijheid’, aldus Mark Kuilder.

‘Die familiebanden en betrokkenheid helpt ook bij het vinden van vrijwilligers, er zijn er nu ongeveer 175’, aldus Mark Kuilder. ‘Er is hier bijna altijd wel een familielid die wat wil bijdragen of doen’. Ook weer aansluitend bij de cultuur vinden er op die manier veel activiteiten plaats, vooral muziek en kerkactiviteiten. ‘Het is hier een dorpsgemeenschap, de mensen kennen elkaar en zijn betrokken bij elkaar’. Mensen komen in grote getale op bezoek, zoals ook op de Pasar Malam. Dat trekt ook weer nieuw personeel aan. Medewerkers die ook vanuit een andere hoedanigheid zich betrokken voelen. ‘Zo gaan er op de jaarlijkse vakantie die we voor bewoners organiseren telkens zo’n 50 medewerkers als vrijwilliger mee. Niet in diensttijd, ze nemen er zelf vakantiedagen voor op. Dat is wat gemeenschapszin kan doen’.

Welke ontwikkelingen spelen er?

‘We willen ontschotten, toegroeien naar meer generalisten in plaats van specialisten. Een medewerker welzijn mag nu vanuit de functie geen mensen helpen naar het toilet. Dat sluit onvoldoende aan bij het uitgangspunt van wonen en welzijn van onze cliënten. De pilot personeelssamenstelling heeft onze kijk op personele inzet veranderd. Voor kleinschalig wonen hadden we bijvoorbeeld altijd 1 verzorgende die alles moest doen voor 6 bewoners. De verzorgenden konden in die situatie de benodigde ‘nabijheid’ niet altijd garanderen. Dat doet afbreuk aan persoonsgerichte zorg. En leidde niet zelden tot frustratie van medewerkers. Dat kwam omdat we ‘om de zorg heen’ georganiseerd hadden, de zorg was leidend. Maar als je het eigenlijk goed overdenkt vanuit het leven en wonen van de cliënten is zorg een hygiëne factor. Weliswaar een hele belangrijke voor de bewoners, maar het leven en wonen staan toch echt voorop.

Dat betekent dat we steeds verder toegroeien naar een situatie van woonkamerdiensten die altijd aanwezig zijn, met competenties om mensen te begeleiden. Zij werken samen met een ambulant verzorgend team, die de zorg bieden als dat nodig is.

We zien daar nu al positieve effecten van. Mensen eten beter, er is minder onbegrepen gedrag’. Het is een wezenlijk andere manier van kijken en organiseren. Maar geen eenvoudige omslag. ‘In het uitgebreide voorbereidingstraject zijn medewerkers actief betrokken. Het gaat hier niet om het oplossen van een probleem, maar – veel dieper- om het verbeteren van een bewust gekozen waardevolle visie. Dat implementeer je niet zo maar even. Dat ontwikkelen we samen, het is een leerproces waar we allen actief in betrokken zijn. Deze ontwikkeling past bij ons mensbeeld. Iedereen wil gehoord worden en ertoe doen. Dat vraagt om autonomie, om ruimte en vrijheid. Dat geldt voor bewoners, maar ook voor medewerkers’, aldus Mark Kuilder.

Typerend voor deze locatie

Leven vanuit de Indisch-Molukse cultuur en gewoonten, dat is wat de bewoners hier doen. Passend bij die achtergrond faciliteert Rumah Kita een woonomgeving die zich kenmerkt door gemeenschapszin. Samen met familie en naasten. Nabijheid en aandacht als uitgangspunt. En zorg daaromheen als uiterst belangrijke hygiëne factor. Maar in die volgorde, niet andersom….

Meer weten


Geplaatst op: 22 januari 2019
Laatst gewijzigd op: 23 januari 2019