Cliëntvolgende bekostiging Archipel geeft cliënt de regie

Archipel werkt voor de VPT-cliënten met persoonsvolgende bekostiging. De cliënten zien hun bestedingsruimte en kunnen dus bewuste keuzes maken in hun dagbesteding.

De moeder van Yolanda Valentin woont sinds juni in Berkenstaete in Son, een van de huizen van zorgaanbieder Archipel. ‘Na een ziekenhuisopname kon ze niet terug naar huis en moest ze dus naar een verpleeghuis’, vertelt Valentin. ‘Maar de eerst beschikbare plek was niet in Son, waar ze vandaan komt, en ze had het niet naar haar zin. Na een poosje kon ze gelukkig hier terecht en ik merk dat ze hier helemaal is opgefleurd. Door de activiteiten die ze hier hebben, gym bijvoorbeeld, komt ze makkelijk in contact met mensen. En waar ze in het vorige huis de hele dag maar een beetje voor zich uit zat te staren, heeft ze hier weer het schilderen opgepakt. Precies wat ze thuis ook altijd graag deed. Het persoonsvolgend budget geeft heel gericht inzicht in de financiële ruimte die gecreëerd kan worden om mensen dingen te laten doen waarbij ze zich prettig voelen. Mijn moeder ontbijt graag op haar kamer en doet dan zelf de afwas, dat scheelt. En als mantelzorger doe ik haar was. Dan ontstaat vanzelf die financiële ruimte voor leuke dingen.’

Yolanda Valentin

Cliënt in regie

Archipel startte vijf jaar geleden met het programma Cliënt in regie waarin de cliëntvolgende bekostiging, ook al weer sinds vier jaar, een van de onderdelen is. Hiermee werd afscheid genomen van het centrale budget voor dagbesteding, waarbij het aanbod leidend was voor wat de cliënt kon kiezen. In plaats daarvoor kwam het individuele budget dat de cliënt veel meer eigen regie geeft. Klantondersteuner Miranda Wennekers vertelt: ‘Mijn collega klantondersteuners en ik gaan op basis van een budgetformulier het gesprek aan met de cliënt en diens mantelzorger. Zij zien heel precies wat het budget is, wat er vanaf gaat aan klantondersteuning, infobalie en nachtzorg en wat er dus overblijft op basis waarvan individuele afspraken kunnen worden gemaakt.’

Er is dus geen verplichte winkelnering meer, stelt programmaleider Cliënt in regie Femke de Jong. ‘In de oude situatie betaalde de cliënt voor het eten, of hij nu meeat of niet’, zegt ze. ‘Nu is dat niet meer zo. We hebben bijvoorbeeld een echtpaar waarvan de man nog steeds graag kookt. Dit betekent dat meer geld overblijft voor dagbesteding.’

Wennen aan het idee

Het moest wel van de grond komen, zegt De Jong. Dit heeft diverse oorzaken. In de eerste plaats de bestaande cliëntenpopulatie, die moest wennen aan het idee. ‘Nieuwe cliënten nemen we vanaf de thuissituatie al mee in het systeem van het cliëntvolgend budget’, vertelt ze. ‘Dat maakt het makkelijker.’ Maar ook de medewerkers moesten wennen. ‘Daarom hebben we er op een bepaald moment een coach opgezet die met de teams ging meelopen om met hen de vertaalslag te maken naar wat het voor hun werk betekent’, zegt De Jong. ‘Medewerkers moesten er bijvoorbeeld aan wennen niet hun eigen efficiency centraal te stellen in de volgorde van het naar bed helpen van cliënten, maar de wens van die cliënten. Ook merkten we dat soms afspraken niet werden nagekomen of dat verzorgenden toch dingen gingen doen die niet waren afgesproken. Geen onwil, maar automatisme.’ Maar juist niet de bedoeling, vult Wennekers aan. ‘Als een cliënt heeft aangegeven het prettig te vinden dat een medewerker iedere week een kwartiertje komt praten, dan kan die medewerker wel denken: “Dan doe ik ondertussen even die vaat die er staat”. Maar dat is dan dus niet de bedoeling. De cliënt wil nu juist dat die medewerker er rustig bij komt zitten.’

Femke de Jong van Archipel

Flexibele opzet

De vraag of het systeem van het persoonsvolgend budget wel of niet slaagt, hangt niet af van de inzet van de mantelzorgers, benadrukt De Jong. ‘Natuurlijk is in het samenspel tussen cliënt, mantelzorger en medewerker wel veel mogelijk’, zegt ze. Wennekers vult aan: ‘Maar het is nu eenmaal zo dat de ene mantelzorger veel wil doen en dat andere minder, of minder kan doen omdat hij verder weg woont. Dan ga ik als klantondersteuner nog meer naast de cliënt staan om diens wens in te vullen. En dreigt het budget te worden overschreden, dan zien we vaak dat een mantelzorger zegt: dan neem ik die taak wel over.’

Valentin benadrukt hierbij dat aanpassing altijd mogelijk is als de situatie daarom vraagt. ‘Laatst ging ik op vakantie op hetzelfde moment als mijn broer, die ook mantelzorgtaken doet voor onze moeder. Dan kun je gewoon met de klantondersteuner regelen dat de continuïteit voor moeder toch gewaarborgd blijft.’

Zoeken naar mogelijkheden

Archipel vraagt op dit moment geen bijbetaling voor zorg, maar is hierover wel in gesprek met het ministerie van VWS. De Jong legt uit: ‘Als iemand gewend is iedere dag tweemaal te douchen en dat hier wil voortzetten, dan vind ik dat dit moet kunnen maar dat bijbetaling hiervoor ook bespreekbaar moet worden. Het kan mensen ook tot nadenken stemmen. Om een voorbeeld te noemen: we hadden hier een vrouw die heel hoge zorgkosten maakte, maar die nu veel meer naar de dagbesteding gaat. Haar zorgvraag is hierdoor gedaald en bovendien biedt het een aanpak tegen dreigende eenzaamheid.’

Waar aanbod voor dagbesteding nog niet bestaat, wordt, eventueel met een externe partij, gezocht naar een manier om het te ontwikkelen. Een voorbeeld is het opzetten van een zwemclub voor mensen die eens per week samen willen zwemmen. Maar er is ook een cliënt die één-op-één met een begeleider gaat zwemmen. Een ander voorbeeld is de buiten de deur georganiseerde kookclinic. Gezamenlijk koken en eten in huis – voor de cliënten die altijd graag zelf hebben gekookt – is ook mogelijk. En een aantal bewoners heeft zelf de debatclub Het Genootschap opgezet.

Wat de cliënt wil

De opzet van de cliëntvolgende bekostiging vraagt van de medewerkers ondernemerschap, denken in termen van wat de cliënt wil, stelt De Jong. Ze vertelt: ‘We hebben programmaleiders die activiteiten ontwikkelen, die hiervoor zo nodig contacten buiten de deur leggen en die de kostprijs van iedere activiteit berekenen.’ Wennekers vult aan: ‘Het mooie is dat we heel breed kunnen en mogen kijken, het is een continue dialoog met de cliënt en diens mantelzorger en met de organisatie. Natuurlijk kunnen we niet iedere wens honoreren, maar we onderzoeken de mogelijkheid altijd. En raakt een wens de grenzen van de zorg, dan zullen we in ieder geval eerder kijken of we kennis over een specifiek ziektebeeld naar binnen kunnen halen dan dat we direct nee zeggen.’

De cliëntvolgende bekostiging heeft op dit moment primair betrekking op de VPT-cliënten. Aan uitbreiding wordt gewerkt. ‘Voorwaarde hiervoor is in kaart brengen wat het niet alleen per individu maar ook voor de totale organisatie kost’, zegt De Jong. ‘We zijn de mogelijkheden aan het onderzoeken om een ondersteunende applicatie te laten ontwikkelen.’

Interview door Frank van Wijck

Meer weten


Geplaatst op: 17 november 2016
Laatst gewijzigd op: 6 september 2019