Terminaliteitsverklaring niet altijd meer nodig voor inzet extra zorg

Bij het verlenen van palliatieve zorg is het niet voor alle leveringsvormen meer nodig om een terminaliteitsverklaring te hebben, voor de verantwoording van de inzet van extra zorg. Dit hebben verschillende branchepartijen en het ministerie van VWS afgesproken. De verklaring is niet patiëntvriendelijk en levert onnodige administratieve handelingen op. 

Een terminaliteitsverklaring van de behandelende arts geeft aan dat de levensverwachting van de patiënt niet langer dan drie maanden is. Maar het is uiteindelijk nooit met zekerheid te zeggen of de levensverwachting daadwerkelijk korter is dan drie maanden. Als er bij een cliënt een behoefte is aan extra zorg, is het bij een levensverwachting korter dan drie maanden in geval van zorg in natura (verblijf in een instelling, vpt en mpt) vanuit de Wlz al mogelijk om direct extra zorg in te zetten bovenop het bestaande budget van de cliënt. De onderbouwing van de extra zorginzet met daarbij de inschatting van de levensverwachting, wordt vastgelegd in het zorgleefplan. Hier is géén aparte terminaliteitsverklaring voor nodig.

Bij voortzetting van verblijf in een instelling gelden aanvullende criteria voor de extra zorginzet:

  • Er is noodzaak tot zeer intensieve 24-uurszorg, die in het reeds geïndiceerde zorgprofiel niet mogelijk is;
  • er is noodzaak tot bestrijding van zware pijn en/of verwardheid en/of benauwdheid en/of onrust;
  • er is sprake van complexe zorg en inzet van verschillende disciplines en noodzaak van continue nabijheid van zorg.

Bij een aanvraag tot verhoging van het Wlz-PGB vanwege palliatief terminale zorg, is het gebruik van de terminaliteitsverklaring met daarin een inschatting van de levensverwachting door de behandelend arts wél nodig.

Bron: ORDZ.nl

Meer weten


Geplaatst op: 11 november 2019
Laatst gewijzigd op: 11 november 2019