IGZ vernieuwt toezicht met lekeninspecteurs in de verpleeghuiszorg

Lekeninspecteurs, zelfevaluatie en audits: de Inspectie voor de Gezondheidszorg vernieuwt het toezicht in de verpleeghuiszorg. Deze nieuwe invulling volgt de veranderingen in de verpleeghuiszorg, waar de cliëntwens nadrukkelijker centraal staat – één van de doelen van het programma Waardigheid en trots  van staatssecretaris Martin van Rijn.

Hoofdinspecteur Anja Jonkers van de Inspectie voor de Gezondheidszorg vertelde tijdens het Landelijk Congres Cliëntenraden (12 oktober Nieuwegein) over wat dit in de praktijk betekent voor de inspecteurs en hoe belangrijk de cliëntraden in het toezicht kunnen zijn.

Het rapport van de Inspectie voor de Gezondheidszorg uit de zomer van 2014 zal de instellingen voor ouderenzorg nog vers in het geheugen liggen, want de Inspectie kraakte er een aantal harde noten in. Ze sprak in dit rapport haar zorgen uit over de uitkomsten van haar inspectiebevindingen, in het licht van de toekomstige ontwikkelingen in die zorg. Begrijpelijk, want een half jaar later zou de transitie van zorgtaken naar de gemeenten een feit zijn. De verpleeghuizen zouden te maken krijgen met cliënten met een steeds grotere zorgzwaarte.

‘Onze vrees was dat de zorgaanbieders niet goed in staat waren de zorg te verbeteren en die verbeteringen te laten landen in hun organisaties’, zei Jonkers. ‘We hadden zorgen over de hoeveelheid medewerkers op de werkvloer en over hun mate van deskundigheid. Bovendien zagen we dat  er wel zorgplannen worden gemaakt voor de individuele bewoners van de verpleeghuizen, maar dat daar in de praktijk nog onvoldoende mee wordt gedaan.’

Meer cliëntgericht toezicht

Inmiddels zijn we ruim een jaar verder en is het programma Waardigheid en trots van staatssecretaris Martin van Rijn van VWS er. Hierin staan ook gerichte opmerkingen over het toezicht van de Inspectie. Het is de bedoeling dat dit toezicht intensief is en dat het meer cliëntgericht wordt, en dat de onderzoeksresultaten openbaar worden gemaakt. Hier past duidelijk een andere vorm van toezicht bij dan de Inspectie de afgelopen jaren heeft laten zien, stelde Jonkers.  Als voorbeeld noemde ze observatietoezicht bij onbegrepen gedrag van cliënten. Jonkers: ‘Hiervoor zitten twee inspecteurs tijdens een bezoek in een huiskamer om te proeven hoe de sfeer is en te kijken hoe met mensen wordt omgegaan. We zitten nu middenin de tweede ronde van dit soort bezoeken. Die leren ons onder andere dat organisaties die in hun missie en visie heel mooi omschreven hebben hoe ze er willen zijn voor hun cliënten dit in de praktijk toch niet altijd helemaal waar weten te maken. In andere gevallen zien we juist aanbieders die dit minder goed omschreven hebben, maar die ik de praktijk juist heel goed in staat blijken te zijn om in te spelen op de individuele cliëntbehoeften. Dat is de kracht van het toezicht. En bestuurders weten dit ook wel: het goed doen voor iedere individuele bewoner is het moeilijkste wat er is.’

Een aanwezige uit de zaal zei ook wel te begrijpen waar het in dit opzicht aan schort: het zijn vooral de medewerkers op de locaties die nog de switch moeten maken van de zorg centraal stellen naar meer uitgaan van de beleving van de bewoner. Jonkers zei dit heel erg te herkennen. ‘Je kunt dit ook niet op alle locaties tegelijk helemaal op orde hebben’, zei ze. ‘Het is een proces dat tijd vergt.’ Toen iemand in dit kader de omslag naar zelfsturende teams noemde, maakte Jonkers direct duidelijk hoe ze daarover denkt. ‘Zelfsturende teams vragen om een stevige coördinator’, zei ze. ‘Je bent er niet door er alleen maar managementlagen tussenuit te snijden. In organisaties die dit wel hebben gedaan, zien we dat zich veel klachten en meldingen voordoen en dat de kwaliteit van zorg omlaag gaat.’

Van mystery guests naar leken

De afgelopen jaren heeft de Inspectie gewerkt met mystery guests. Maar vanaf volgend jaar kiest de Inspectie  voor een nieuwe aanpak: dan gaat naast een inspecteur ook een leek meelopen. Jonkers: ‘Deze aanpak wordt in Engeland al een aantal jaren gehanteerd. Hij is interessant omdat hij een kans biedt om te kijken of de kwaliteit niet alleen technisch op orde is, maar of het ook nog een beetje leuk is in een huis. Het is niet de bedoeling dat deze lekeninspecteur een lid is van de cliëntenraad – de cliëntenraad moet immers nadrukkelijk geen inspectierol krijgen – maar ze kan wel de lekeninspecteur een aantal aandachtspunten meegeven waarop die specifiek kan letten. Wel denken we aan de inzet van hbo-v studenten als lekeninspecteurs, om hen te interesseren voor de ouderenzorg.’

De Inspectie gaat ook meer inzetten op zelfevaluatie en audits. ‘Instellingen die hiermee aan de slag gaan, hoeven dan niet meer de indicatoren aan te leveren die de Inspectie uitvraagt’, zei Jonkers. ‘Een spannend traject, want dit betekent dus dat zo’n instelling zelf moet bedenken wat ze moet opschrijven. Ik hoop dat ze zich hierin weten te beperken tot wat relevant is en dat ze dus voorkomen dat het hen juist alleen maar meer werk oplevert.’

Lerend systeem creëren

Uit de zaal klonk nogal wat aarzeling over de vraag of dit wel zo’n goed idee is. Is het niet een beetje de slager die zijn eigen vlees keurt? ‘Ik begrijp de aarzeling’, zei Jonkers, ‘maar als we nooit beginnen met bestuurders te leren het zelf te doen… Ik zie tot nu toe vooral dat zorgaanbieders die hiermee aan de slag gaan erg eerlijk zijn. En ik geloof ook meer in deze route dan in wat we tot nu toe altijd hebben gedaan. We creëren hier een lerend systeem mee.’

In dit kader vraagt de Inspectie ook steeds vaker of de raad van toezicht aan tafel kan zitten als ze met de raad van bestuur in gesprek gaat. ‘Aan de reacties zien we dat dit soms een schok in de organisatie geeft’, zegt Jonkers. ‘Zien we hierbij een raad van toezicht die al heel lang in functie is, dan stellen we hier kritische vragen over. En komt de raad van toezicht niet opdagen, dan is dit een enorme alarmbel voor ons.’ In een recent interview met Ronnie van Diemen werd gesteld dat ook het niet aanwezig zijn van de cliëntenraad bij een inspectiebezoek als een alarm geldt voor de Inspectie.

Cliëntenraad belangrijk voor de Inspectie

De positie van de cliëntenraden is in verpleeghuizen nog niet overal even sterk dus. Dit bleek ook wel uit de woorden van een van de aanwezigen in de zaal. Die vertelde dat de cliëntenraad altijd het Inspectierapport te zien krijgt van de raad van bestuur, maar dat het niet lukt om in een eerder stadium bij een Inspectiebezoek betrokken te worden. ‘Als we onaangekondigd worden is de cliëntenraad niet altijd aanwezig’, zei Jonkers. ‘Wat direct leidde tot de repliek: ‘Nee, maar dan worden we ook niet achteraf benaderd.’

In een ander geval kreeg de cliëntenraad de opdracht van het bestuur om te gaan toezien op de hygiëne in huis. ‘Dat moet je nooit willen’, reageerde Jonkers, ‘je bent geen toezichthouder maar adviesraad.’ Helaas bleek degene die dit voorbeeld aanhaalde dit niet te hebben gemeld aan de Inspectie. Even verderop in de presentatie benadrukte Jonkers hoe belangrijk de rol van de cliëntenraad in de toezichthoudende rol van de Inspectie kan zijn. ‘Zegt een cliëntenraad tegen ons dat ze zich zorgen maakt’, zei ze, ‘dan gaan bij ons alle vlaggen op rood.’

Interview door Frank van Wijck

Meer weten


Geplaatst op: 15 oktober 2015
Laatst gewijzigd op: 1 april 2019